De wegen van Christus

Een onafhankelijke info-site met visies
vanuit vele onderzoeks- en ervaringsgebieden.

naar de homepage: andere aanbiedingen en talen.

 

De wegen van Christus in het menselijk bewustzijn en de aarde.

Inhoudsaanduiding van alle delen.

Naar het eerste deel: (De) hoofdstukken over de inhoud van de evangeliën – hier klikken.

Naar het tweede deel: De inhoud van de Openbaring van Johannes - hier klikken.

Dit is het derde deel: hoofdstukken m.b.t. verschillende thema's en levensvragen.

Voor laatste hoofdstukken (uit de map) moet de pagina eerst helemaal zijn geladen.
9.  Een gebed voor vrede, leven en aarde
2.  Grondbeginselen van ethische waarden
5.  Aanvulling: een korte terechtwijzing n.a.v. de moderne "alles-over-Jezus-onthullende verhalen"
6.  Natuurwetenschap en geloof in God
--   Bewustzijn, hersenonderzoek en de vrije wil.
7.  Informaties m.b.t.: Jezus Christus en voedingzaken
8.  Jezus Christus en genezing – ook tegenwoordig
9b.M.b.t het christelijke zegenen.
9c.
Treuren/ zich beklagen als mogelijk onderdeel van het Christen zijn.
9d.
Een christelijke weg om de gebeurtenissen in het leven te verwerken
10.Christelijke visies op economie en sociale vragen
11.Algemene christelijke visies op maatschappij en politiek
12.Christendom en filosofie: n.a.v. de redevoering van Habermas "Geloof en kennis"
15.
Algemene christelijke gezichtspunten betreffende ecologische kwesties
16.Ongeboren leven
17.Onze nieuwe Duitse / Englische thema-pagina's.

Naar het 4. deel: Oude Testament; bijdrage tot de dialoog met andere religies

Aanwijzingen m.b.t. andere versies, en rechten
e-mail.

 

Een gebed voor vrede, leven en aarde.

Het is zo samengesteld, dat zich in het eerste gedeelte de voor een doeltreffend gebed nodige instelling zonder veel verklaringen duidelijk wordt. Het kan eventueel zo veranderd worden, dat het overeenkomt met de eigen gevoelens. In plaats van het derde gedeelte kunnen ook andere aangelegenheden aan God overgegeven worden. Het beste langzaam en met voorstellingskracht bidden:

 

God, mijn oorsprong, mijn hulp en mijn hoop!

 Verenigd in Jezus Christus dank ik U voor alles wat van U komt.

vergeef me, wat me van U verwijderd heeft.

laat me toch in deze stilte door Uw geest creatief worden.

 

Leid me, dat ik anderen op hun weg tot U geen schade toebreng.

leid me, anderen naar Uw zin te helpen.

bescherm me op mijn weg*.

 

Inspireer de mensen, beslissingen over leven en dood in Uw handen te laten **.

help diegenen die voor Uw schepping werken***.

Leid deze wereld voor de doorbraak van Uw beloofde nieuwe tijd .****

 *) Hier kunnen anderen bij betrokken worden

**) hier kunnen ook details bij betrokken worden, of aansluitend in een meditatieve beschouwing worden bewerkt, zoals 'het vermeerderen van geweld en weerstand te beëindigen' 'het geweld door probleemoplossingen één van haar grondbeginselen te ontnemen', 'alleen zulke veiligheidsmaatregelen te nemen, waardoor vreedzame burgers hun mensenrechten kunnen behouden', 'een vreedzame dialoog tussen de goedwillende mensen van de religies te voeren',…. Matteüs 5:9; 26:52. "Churches' declarations", Engelstalig.

***) De geteisterde natuur schreeuwt om hulp. Het zou tijd zijn, God resp. Christus te verzoeken, tegen de opgezweepte natuurmachten te beschermen. Dat is echter geen vervanging voor de noodzakelijke verandering van de menselijke houding tegenover de schepping.

****)Lucas 11:2; 21:31. Openbaring 11:16; ... zie ook het onze Vader, Matteüs 6, 7-15. God kan de liefde geven, die hem wordt gegeven.

De heilige geschriften van de religies beklemtoonden oorspronkelijk de strijd van de mens met zijn eigen schaduwkanten – en ook de bijbel, ook de koran, de Zend Avesta of de Bhagavadgita, ... en pogingen, de daaruit voortkomende ethische overeenkomsten van de religies het verlies aan waarden tegenover deze egoïstische civilisatie te stellen en niet oorlogen. Dit werd later vaak over het hoofd gezien of verkeerd begrepen. Tegenwoordig probeert men, de daaruit voorkomende ethische overeenkomsten van de religies het verlies aan waarden tegenover deze egoïstische civilisatie te stellen. Daarbij houden religies hun verschillen.

S.a. Markus 12:30 " ... en gij zult de Here, uw God liefhebben uit geheel uw hart en uit geheel uw ziel en uit geheel uw verstand en uit geheel uw kracht", vgl. 5. Deut. 6,4.5). Het gebed refereert aan het diep ervaren geloof in de verwezenlijking - naar de wil van God - en de daarbij passende dank. In Joh. 16:23 "Wanneer gij de Vader om iets bidt, zal Hij het u geven in Mijn naam", stond oorspronkelijk ook "... laat het antwoord jullie omgeven" (vgl. Neil Douglas-Klotz: Prayers of the Cosmos. Meditations on the Aramaic Words of Jesus.). De hier gegeven gedeeltelijk nieuwe impulsen zijn niet in strijd met de zeer gevarieerde gebedspraktijk in de kerken enz. Gebed en een leven en handelen in dezelfde geest horen bij elkaar, beide ondersteunen elkaar. God kan de liefde geven, die hem wordt gegeven.

Terug naar de index van deze pagina.

 

Grondbeginselen van ethische waarden.

Jezus Christus hechtte er waarde aan, dat de maatstaf voor ethisch, moreel gedrag in de afzonderlijke mens zit, in plaats van slechts op grond van de druk van een van buiten komende wettelijke norm of zede te functioneren. Deze verinnerlijking komt eveneens niet door het "erin te hameren" tot stand, maar door een leven, waarin zich de "liefde tot God en tot de naaste als tot zichzelf" kan ontvouwen. "Heb elkander lief" (Joh.13,34) is de kracht die het mogelijk maakt, in overeenstemming met het werkelijke geweten te handelen. De liefde tot God laat de hogere doelen ervan voorvoelen. Waar alleenstaanden, paren, groepen enz. deze universele liefde erbij betrekken, zal het onderscheid zichtbaar zijn. Hoe meer dit in allen leeft, des te onbelangrijker worden uiterlijke gedetailleerde voorschriften.

Toch is daardoor de inhoud, zoals die bijv. in de oudere "10 geboden" werden gegeven, als zodanig niet verouderd, maar bevestigd. Ze zijn niet in de basis maar in de details aan culturele verandering onderworpen. Dit bevestigt al het verslag van Mozes zelf, die eerst een hogere vorm van ethiek kreeg doorgegeven, die echter de daarvoor blijkbaar niet rijpe bevolking dan een eenvoudiger versie bracht. Deze ethische basis is in het christendom, in het jodendom en in de islam in zoverre dezelfde, en in praktisch alle andere religies zijn raakvlakken, zoals in de "declaratie van het parlement van de wereldreligies t.o.v. het wereldethos" te zien was (zie onze Duitse / Englische link-pag.) Zelfs een zich als "niet-religieus" of humanistisch opgevatte ethiek vertoont verbindingen met de waarde van religieuze culturen. In de kern gaat het in de ethiek daarom, anderen zo menselijk te behandelen, als iemand zelf zou willen worden behandeld; anderen dus geen schade toe te brengen, maar veeleer te helpen. Dit is essentieel voor het lot, want "wat jullie zaaien, zullen jullie oogsten" (Gal. 6,7; 2.Kor. 9,6). Het is tenslotte ook het belangrijkste criterium voor de deelname aan die nieuwe tijd, waarover in het gebed "Onze Vader" staat: : "Uw koninkrijk kome!" (Matteüs 6), en waarover in de bergrede staat "de zachtaardigen zullen het aardrijk bezitten". In bredere zin komen daaruit gezichtspunten naar voren, die voor de meeste niveaus van het menselijke bestaan van levensbelang zijn. De ethiek van de bergrede wordt ook tegenwoordig door enige christelijke kringen ten onrechte als niet direct toepasbare "overtuigingsethiek" aangegeven. Ze verschaft weliswaar feitelijk geen leidraad bijv. voor alle moeilijke politieke beslissingen. Maar een meetlat zou het er tenslotte ook voor zijn. Waar een menselijk afwegende zog. "verantwoordingsethiek" maatschappelijk tot tegengestelde beslissingen leidt, als deze die "overtuigingsethiek" van de enkeling in zijn privé-leven verwacht, zal men niet automatisch mogen verwachten, dat dit Jezus beslist zo zou doen beslissen. Het individu is voor zijn aandeel in wat gebeurt verantwoordelijk, en kan dit aandeel ook niet als misstappen van anderen beschouwen. Niet altijd is zo'n eenzijdig de schuld geven correct, zoals bij rechtsgeschillen vaak de gewoonte is. Ook groepen enz. dragen door de pressie die ze uitoefenen, bijv. door het positieve of negatieve "scholingsveld", dat ze weergeven, medeverantwoording. Ze zouden daardoor allen ook een ethiek-codex nodig hebben (zoals enige beroepsorganisaties die reeds hebben.) Boven de individuele ethiek uit zou als gevolg daarvan een "structurele ethiek" van de maatschappij resp. van delen daarvan gevraagd worden. Wetten met hun willekeuren kunnen dit alleen niet vervangen.

Mozaïsche Geboden (2. Mozes =Exodus 20)

Ethiek in de koran

"Weltethos"

1.  Ik ben de Heer, jouw God….Je zult geen andere goden naast mij hebben ( je zult je geen godsbeeld maken….)

2.  Je zult de naam des Heren, jouw God niet misbruiken (want de Heer zal die niet ongestraft laten, die zijn naam misbruikt)

Naast God geen andere God hebben ... (Soera 17,22*)

(De overeenkomst over een "wereldethos" betrof niet het godsbegrip van de verschillende religies. Het was bijv. vanwege de boeddhisten voor allen gelijk, dat ze een "laatste werkelijkheid" erkennen – d.w.z. iets aan de andere zijde van de materiële werkelijkheid)

3.  Je zult de rustdag/ Sabbat heiligen. ...

...Op de dag van samenkomst dient u zich te richten ……… op de gedachtenis van God ... (Soera 62,9*)

 

4.  Je zult jouw vader en jouw moeder eren (zodat je lang leeft in het land, dat je de Heer, jouw God geeft)

U dient goed voor uw ouders te zijn ..., spreek ze met eerbied aan ...; en geef uw familielid, waarop hij recht heeft ... (Soera 17,23-26*).

 

5.  Je zult niet doden / moorden

Dood niemand, die God heeft verboden te doden... (Soera’s 17,33 en 5,32*).

Verplichting tot een cultuur van geweldloosheid en eerbied voor al het leven ….

6.  Je zult niet echtbreken **

En geef u niet over aan ontucht! (Soera 17,32)

Verplichting tot een cultuur van gelijke rechten en het partnerschap van man en vrouw (tegen destructieve omgang met seksualiteit..)

7.  Je zult niet stelen.

9.  Je zult niet begeren het huis van je naaste.

10.Je zult niet begeren de vrouw van je naaste, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van je naaste is.

Wanneer een man of een vrouw een diefstal heeft begaan, hak hem dan de hand af .... Wanneer echter iemand ... radicaal verandert en zijn leven betert, keert God zich weer tot hem ... (Soera 5,38-41*)

Verplichting tot een cultuur van solidariteit en een rechtvaardige economische ordening ...

8.  Je zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste / je zult niet liegen

Sta als getuige ... achter de gerechtigheid, zelfs als die zich tegen jullie of tegen je ouders en naaste verwanten zou richten... Soera 4,135* (betr.. bedrog zie Soera 2,188*)

Verplichting tot een cultuur van tolerantie en een leven in oprechtheid…

*) in de in islamitische landen gebruikelijke Egyptische verstelling; in andere verstellingen kan het vers bijv. een vers later staan.

**) Hieraan werden door de verschillende religies zeer veel verschillende details verbonden. Dit zou het begrip ervoor kunnen wekken, dat nu eenmaal niet meer voor allen dezelfde details juist moeten zijn. Ook werd vroeger voor tegenwoordige doeleinden vaak niet voldoende onderscheid gemaakt tussen religieuze principes en gedetailleerde wereldlijke wetten; dat wil echter niet zeggen, dat het waard zou zijn om na te streven, dat geloof en wet steeds grotere inhoudelijke tegenstelling vertonen.

Al na de zondvloed – dus voor de bovengenoemde 10 geboden – werden er volgens de Bijbelse overlevering enige fundamentele ethische eisen gesteld waar de gehele nieuwe mensheid zich aan diende te houden, dus dit gold ook voor de latere Israëlieten: 
- Achting voor het leven resp. niet te moorden ("want God heeft de mens naar zijn evenbeeld geschapen": Gen 9:6) en niet het vlees noch van levende dieren te eten. In het rabbijnse Jodendom werden later 7 "Noachitische geboden" voor niet-joden afgeleid, waarbij verschillende versies waren: 
- het verbod om te moorden;
- het verbod wreed tegen dieren te zijn;
- het verbod te roven;
- het verbod tot echtbreuk resp. ontucht;
- het verbod op afgodendienst (d.w.z. niet-joden moesten volgens deze voorstelling weliswaar niet God zoals de joden aanbidden, maar ze dienden ook geen concurrerende goddelijke wezens vereren);
- het verbod op godslastering;
- het gebod van een rechtsorde met rechtbanken.

Het kan nuttig zijn, de vastgestelde eigen onvolkomenheden en positieve eigenschappen als in een tabel te noteren en de voortgang bewust te volgen. Er zijn meer mogelijkheden om daaraan te werken:

1. Het directe werk aan de eigen problematische eigenschappen aan de hand van de gebeurtenissen van het leven. Goede voornemens enz.. Dit blijft ook bij Jezus belangrijk: "eerst de balk in het eigen oog...". Ook in de koran geldt het werken aan jezelf als de "grote gihad", de "grote heilige oorlog", d.w.z. als iets, wat doorslaggevender is dan alle uiterlijke uiteenzettingen.

2. Het directe herstel en 3. het directe elkaar – vergeven, in zover dat nog mogelijk is. Anders de problemen in het gebed aan God voor verdere oplossing geven en innerlijke vergeven. Ook dit blijft bij Jezus belangrijk – ook hij spreekt van het verwerken " "tot op de cent" (Luc. 12,59, zie echter 5.)
4. Waar anders niet mogelijk, is er ook de mogelijkheid, te handelen overeenkomstige goede daden, voor andere dan aan wie schade werd toegebracht. Veel wordt ook indirect door God opgelost, wanneer bijv. iemand sociale taken op zich neemt. (hier is ook een vloeiende overgang van het zuiver wegwerken van het huidige met vrije hulpvaardige werken, en dan wordt het relatief, 'wie zaait en wie oogst', vgl. bijv. Joh. 4,37.) Daarbij geldt ook Mt 7,20-21: "...aan hun vruchten zult u hen herkennen. Niet allen, die mij zeggen: Heer, Heer!, komen in het hemelse rijk, maar die de wil doen van mijn Vader in de Hemel."

5. "Bid God in Mijn naam", hier om zijn vergeving en genade in de verdere ontwikkeling van het leven. Dit is de essentiële hulp die een zuiver humanistische ethiek niet kan geven. Het lot moet dan niet meer mechanisch verlopen, maar de mens beleeft het dan als door God geleid, alles wordt zo verwerkt en verder ontwikkeld, zoals het vanuit een hogere wijsheid voor de enkeling en zijn omgeving het beste is.

Terug naar de index van deze pagina.

 

Aanvulling: een korte terechtwijzing n.a.v. de moderne "alles-over-Jezus-onthullende verhalen"

In de tekst van de website werden reeds enige van de ernstigste eenzijdigheden van enige theologische richtingen direct of indirect gecorrigeerd – met behulp van nieuwe inzichten en methoden. Hier wordt op een verdere verwarrende bloei van moderne "sensatieschrijvers" ingegaan. Wij bevorderen niet nog extra de publiciteit van deze bestsellers, maar de volgende bijdrage is voor diegenen bedoeld, die deze literatuur kennen, en zich daardoor geïrriteerd voelen.

Met betrekking tot de schriftrollen van Qumran werd van deze schrijvers geprobeerd, weer te geven, dat de meeste voorstellingen van het nieuwe testament over Jezus onjuist zouden zijn. Jezus en de discipelen enz. zouden in werkelijkheid gewoon militante opstandelingen zijn geweest tegen het Romeinse regime. *

Ten behoeve van een grotere geloofwaardigheid wordt deze verklaring in een soort samenzweringstheorie gehuld: De in 1947-1956 ontdekte schriftrollen van de gemeenschap van Qumran zouden voor 75% geheim gehouden zijn, waarbij vooral geleerden uit de katholieke kerk de controle daarover zouden hebben gehad.. Alleen dit al is natuurlijk verkeerd, wat hier wordt geconstateerd, hoewel deze website geen kerk hoeft te rechtvaardigen, en al helemaal geen geheimhouding van christelijke geschriften accepteert. Veeleer bestond het geleerdenteam uit katholieke, protestante, anglicaanse, joodse en zelfs atheïstische geleerden. Vanwege het veelvoud aan meningen over de vele kleine beschadigde snippers duurde het weliswaar inderdaad lang, tot alles was bekendgemaakt. Toen echter de Engelse originele uitgave van de betreffende "sluitingszaken" – literatuur verscheen, waren 80% van de Qumran-teksten gepubliceerd. In 1992, een jaar voor de uitgave van een betreffend sensatiepocketboek, waarin zoals eerder op de achterzijde werd beweerd, dat er 75% niet-gepubliceerde teksten in zouden staan, waren ook de resterende teksten uitgegeven, voor zover ontcijferbaar.

Voor de inhoudelijke interpretatie moesten de auteurs een hele serie telkens waaghalzige theorieën opstellen, om de bij aaneenrijging ervan tot het boven weergegeven resultaat te komen. De schriftrollen zouden niet voorchristelijk zijn, maar uit de tijd van Jezus **) Deze geschriften zijn echter blijkbaar uit verschillende tijden en de getuigenissen zijn niet uniform. De Qumran-gemeente bleef gedurende langere tijd bestaan. Deze kan niet gelijkgesteld worden aan de Essenen en ook niet aan de militante Zeloten, die later op enige afstand daarvan de vesting Massada bezaten. Qumran zou ongeveer met een tegenwoordig spiritueel ecodorp kunnen worden vergeleken. Ze moeten overal contacten hebben gehad; van de Essenen hadden ze wel enige gebruiken in gewijzigde vorm, van de schriftgeleerden van de tempel van Jeruzalem werden hun aantekeningen over de tempelschat toevertrouwd. – wat betekent, dat men niet direct dacht dat ze betrokken waren bij de veilige bewaarplaats-; en ook met afzonderlijke Zeloten kunnen contacten hebben bestaan.

Ook beweerden de auteurs, dat de Essenen geen ascetisch levende monniken zouden zijn geweest, maar militante verzetstrijders. Alles wat over de Essenen bekend gebleven is, duidt echter op een pacifistische, vegetarische, strenggelovige joodse – esoterische richting, die vanwege hun, bepaalde reinheidsvoorschriften die zarathustrisch aandoen, de afsluiting van de rest van de wereld zocht, maar sterker dan monniken nu doen. In de reeds genoemde beoordeling van de Essenen als militant werden Essenen en Zeloten op één hoop gegooid, zonder dat dit voldoende zou zijn gemotiveerd.

Johannes de Doper, Jezus en Jacobus, de (half)broer van Jezus, zouden dezelfde militante motieven hebben gehad "als de Essenen". Ook deze – bovendien met de veronderstellingen hiervoor verbonden beoordeling, als een feit gepresenteerd, is door de Qumrangeschriften niet te bewijzen. Jezus, Jacobus en Johannes zijn daar praktisch nergens op die wijze te identificeren. Er moest bijv. de "leraar van de gerechtigheid, blijkbaar een leidende persoonlijkheid van deze gemeente, met Jacobus geïdentificeerd worden, wat een niet bewijsbare theorie is. Ook dat deze "leraar der gerechtigheid" een radicale Zeloot zou zijn geweest, is niet bewezen en onwaarschijnlijk; het kan echter zijn, dat hem de gemeente als hogere – geestelijke – autoriteit t.o.v. de zich in verval bevindende tempelpriesters erkende. Ook dat wat over Jacobus zelf is doorgegeven, past niet bij dit militante beeld. Jacobus – niet de discipel Jacobus, maar de genoemde broer van Jezus die na diens kruisiging de christelijke oergemeente in Jeruzalem leidde – had waarschijnlijk een uitgesproken tolerant verzoenend karakter. Hij moest als het ware tussen Petrus en Paulus gaan zitten, of tussen de strijdende discipelen bemiddelen, om de gemeente bij elkaar te houden.

Om langer te kunnen beweren, dat Paulus een Romeins agent zou zijn geweest die alles zou hebben vervalst. moet men aan een onnatuurlijke constructie vasthouden, die weer door niets te bewijzen is, namelijk de Romeinen zouden zijn arrestatie ter misleiding hebben geënsceneerd. (In onze tekst "Wegen van Christus"..." wordt op Paulus en nog vele anderen nog verder ingegaan, o.a. daarop, - het doet er niet toe hoe iemand t.o.v. zijn traditionele zaken mag staan, bijv. t.o.v. van zijn houding naar vrouwen toe- in ieder geval zijn visionaire belevenissen en - inzichten als authentiek te herkennen; natuurlijk alleen, wanneer iemand de moeite neemt, zich toch intensief en praktisch met mystieke belevingen bezig te houden, wat de sensatie-auteurs waarschijnlijk niet hebben gedaan)

De Qumranrollen zijn gewoon één van vele ander geschriften uit de toenmalige tijd, die stukje voor stukje inlichtingen over gebruiken van toen geven. Enige andere geschriften uit deze eeuwen zijn als apocrief al lang bekend, en andere werden pas in nieuwere tijd teruggevonden. (bijv. de vondsten van Naq Hammadi, die over het geloof van vroegere Christenen in Egypte het een en ander meedelen) Zeker is dat de mensen in Qumran in God geloofden, en dat ze in op veel punten wat mentaliteit en gebruiken betreft aan de leer van Jezus verwant waren- diegenen die in de bijbel staan, en niet de naar men beweert militante leer van de Jezus van de sensatie-auteurs. Het is beslist mogelijk, dat Johannes de Doper oorspronkelijk vanuit deze strenggelovige samenhangen van de Essenen bijv. bij mensen van Qumran voortkwam, of in ieder geval daar een algemeen geziene gast was. Eveneens is het denkbaar, dat Jezus deze mens ontmoette ( in onze website "Wegen van Christus) wordt echter ook gemotiveerd, dat hij vele groepen ontmoette, en dat hij niet automatisch uit de betreffende school stamde, waarvan hij de aanhangers ontmoette).

2. Andere auteurs sloten zich aan bij de vermelde speculaties betreffende Jezus, met veel details over de joodse geschiedenis, maar zonder dat de vermelde tegenspraken waren op te lossen. Doordat in dit deel van deze literatuur ook de opstanding van Jezus werd gereduceerd tot een historisch tastbaar oppervlakkig opstandingsrituaal van de latere Egyptenaren en eventueel van de Esseen en daarop voortbouwende tradities, wordt dan de lezers voorgehouden wat Jezus in deze samenhang heeft gebracht. Daarbij zou het geheel geen verlies zijn voor de daar geschetste samenhangen tussen historische groeperingen, zoals Esseen en tempelridders, wanneer afgezien werd van dit anti-opstandings-dogma. Het nu als mystiek op te vatten deel ervan, dat Jezus volbracht, ging al in de vroegchristelijke tijd verder dan het begrip van enige jodenchristelijke en gnostische gemeenschappen, en daardoor is het nutteloos, met de opvatting ervan te willen bewijzen, dat wat ze begrepen hadden, er allemaal al was geweest. Anderen hadden andere gedeelten van de waarheid begrepen, wat zowel die vele vroege Christenen laten zien, die geloofden in een omvattende betekenis van de opstanding, en ook die, het betreffende polemisch geschrift van het evangelie van Filippus gebruikten. Paulus die zeer geschikt was als boeman was geenszins de enige bron van die tradities die zich zowel aan de spirituele als materiële veranderde opstanding vasthielden. Mensen die voor de in de kerkgeschiedenis breed geaccepteerde overleving nog een bepaalde achting hebben, kunnen dichter bij de waarheid komen, dan diegenen, die lichtvaardig alles wegverklaren, wat niet in hun concept past.
Waar zulke activiteiten in een voortdurende laster van Jezus Christus ontaarden, kan dat ook geestelijke gevolgen hebben, die verder gaan dan een zuiver menselijke aangelegenheid.

 3. Ook over meer zogenaamde "graven met beenderen van Jezus" werd gespeculeerd, meer in Israël en elders. In een omgeving in het nabije oosten, waar grafrovers bezig zijn – bijv. is van de gevonden beenderkisten van zo’n graf er één "vermist" - , en waar duizenden van zulke kisten in musea zijn opgeslagen en waar eventuele beenderen verwijderd en voor herbegraven weer werden vrijgegeven, enz. is het bijna onmogelijk, betrouwbare gegevens over de personen te krijgen. Daar bewijzen ook erin gekraste vaak voorkomende namen niets. Ook de kansberekening kan geen overeenkomsten tussen namen in verschillende families uitsluiten. 
Een op het geheel gericht onderzoek zou niet van de veronderstelling uitgaan, dat het de opstanding in overleverde betekenis niet zou kunnen zijn geweest. Ook zou het eerder overeenkomen met de huidige kennis die men heeft, de profetie, die op Jezus betrekking kan hebben, niet alleen als een bron van subjectieve verwachtingen van Jezus 2000 jaar geleden te begrijpen; maar er rekening mee te houden, dat die op heel iets reëlers kan wijzen, wat gedeeltelijk nog grondig moet worden uitgezocht, tot het zal zijn gebeurd.

Aanvullende informaties in verband hiermee (in het Engels): http://dukereligion.blogspot.com/2008/01/talpiot-tomb-controversy-revisited.html.

* 4. Er zijn nog een aantal van zulke speculaties over Jezus, die tot telkens verschillende resultaten leidden. Bijv. een these, dat Jezus aanhanger is geweest van de kynische filosofieschool van Griekenland... Bovendien willen anderen Jezus zelfs met Mozes gelijkstellen, of een Egyptische farao, of met Julius Caesar, of met een militante Byzantijnse keizer (!).

** Het valt op, dat in zulke boeken het feit niet wordt genoemd, dat in Qumran ook vooral oude evangelieteksten uit de eerst eeuw werden gevonden, waarvan de vergelijking met de huidige teksten laat zien, dat ze echt getrouw naar origineel werden doorgegeven.

Terug naar de index van deze pagina.

 

Natuurwetenschap en geloof in God.

Ter rechtvaardiging van natuurwetenschappelijke bijdragen.

Dat er mensen zijn die ook in geloofsvragen niet kunnen zonder ondersteuning door het uiterlijke kijken, tellen, meten, wegen erkent Jezus, zoals bij Thomas "die als type natuurwetenschapper" onder de discipelen kan worden beschouwd, en daarmee een voorbeeld voor zeer velen, juist in onze tijd is. Toen hij uitvoerig gelegenheid kreeg, uiterlijk te controleren of werkelijk Jezus Christus voor hem stond, zei Jezus: "wees niet ongelovig, maar gelovig". D.w.z de nu opgedane ervaring moet Thomas door eerlijk en diep nadenken zo omzetten, dat de wortel van zijn twijfel verdwijnt, hem iets "duidelijk wordt": - dat Jezus dit later toch nog moet zeggen, betekent ook, dat Thomas geen scepticus was, die nu door de uiterlijke realiteit „getroffen" en „tot geloof gedwongen" was, misschien uit vrees voor straf; maar dat Thomas ook daarna zijn vermogen, van binnen uit tot nieuwe overtuigingen te komen of niet, had gehouden. Toch moest hij vermoeden, dat er nog andere mogelijkheden van het zich-overtuigen waren , dan het uiterlijke zien. Jezus wist, wat bij Thomas hoorde. Hij wilde niemand dwingen – wat het karakter van een gerecht zou hebben gehad; en er kan ook geen reden gevonden worden, één of ander persoon, die voor een beslissing niet rijp was, tot een afwijzingen te provoceren.

Een wetenschap, de empirie = opgestapelde ervaringen steeds laten verdwijnen, wanneer iets niet in het oude beeld paste, is de aanduiding van wetenschap niet waard. Echte genieën zoals Einstein gingen niet op die manier met wetenschap om, maar begonnen met hun onderzoek in tegenstelling altijd daar, waar iets niet duidelijk was. Ook dit zoeken kan één van de vele wegen tot God zijn – zo lang de motieven eerlijk zijn, en de wetenschap niet door wetenschappelijk of ander problematische belangen wordt gecorrumpeerd.

Nu is het uiterlijke natuurwetenschappelijke werken – met het zien, met het opstellen van hypothesen en tenslotte theorieën en verificatie – geesteswetenschappelijke en geloofsvragen in de meeste gevallen alleen niet voldoende. Niet altijd is een wezen aanwezig, dat een hogere werkelijkheid onbetwijfelbaar en indien mogelijk reproduceerbaar voor ons plaatst (zoals bij de discipelen van Jezus), of het ons mogelijk maakt dit waar te nemen (zoals in Johannes 1, 51 vermeld). Toch zijn er veel tekens, dat er lagen bijv. in het menselijke wezen en daar boven zijn, die niet komen vanuit het bekende fysieke spectrum van krachten en stoffen, maar zich daar alleen in de uitwerkingen ervan laten zien: levenskrachten, psychische gevoelens, denken, bewustzijn... ( enige voorbeelden zijn te vinden op verschillende plaatsen van de hoofdtekst van Christuswege.net). Vaak ontpoppen zich oude "voorwetenschappelijke" tradities van verschillende culturen in verband hiermee als een oudere ervaringsvorm en wetenschap. Ook tegenwoordig is het mogelijk, hiervoor speciale processen op het gebied van waarneming en evaluatie te ontwikkelen, zoals het voorbeeld van Goethe's natuurwetenschappelijke beschouwingen of de daarop voortbouwende inzichtelijk theoretische werken van Rudolf Steiner laten zien. Ook nieuwe wetenschappelijke uitgangspunten van de kwantumtheorie tot aan die wetenschappers, die een nieuwe biologie, een nieuwe geo- en astrofysica enz. en tenslotte een nieuwe wetenschappelijk "paradigma" resp. wereldbeeld verwerven, gaan in deze richting; echter meestal zonder bij de nieuwe inhoud ook een passende nieuwe methodiek te zoeken zoals Steiner.

Zo blijkt eerst, dat de wetenschappelijke kennis tot nu toe a) slechts een zeer klein deel van de werkelijkheid weergeeft; b.) dat fundamenten van de natuurwetenschap steeds relatiever worden: materie verschijnt als verdichte energie of zelfs als verdichte geest; energievormen van hun kant kunnen snelheden die hoger dan de snelheid van het licht zijn tot oneindig aannemen (Tachyonen...); ze kunnen daarbij "jonger worden", de tijd wordt nog relatiever dan reeds in de relativiteitstheorie; ze kunnen zo uit onze ruimte verdwijnen uit een soort aan de gene zijde / transcedentalisme weer opduiken - zodat ook de ruimte nog minder absoluut is, dan het al door de zogenaamde "kromming" van de ruimte scheen. Over blijft de niet grijpbare "informatie" van de cybernetica, die materie- en energieloos, en daarom met traditionele middelen helemaal niet te beschrijven is. Er zou hier van "bewustzijn" worden gesproken.

c.) Nu zou deze instorting van het oude wereldbeeld in zover streng genomen nog geen "godsbewijs" zijn maar wellicht een voorbereiding. Voor velen is dit voldoende, omdat ze slechts door het verouderde materialistische wereldbeeld waren geblokkeerd en nu met directere schreden naar God kunnen toegaan. Maar, zie daar, het gaat nog verder: wat is nu deze "informatie" of ook al het andere genoemde ongrijpbare verloop in het universum? Wat/wie verschaft voortdurend nieuwe materie en energie en lost die weer op? Wat/wie is het, die hier zoals ook in het leven de grenzen van leven en dood regelt en laat overschrijden, evenals van waaktoestand en slaap? Wat/wie is het , die hier voortdurend tijd- en ruimte-omvattend in het universum werkend tot uitdrukking komt? Is de mens, die in zijn bewustzijn energie, tijd en ruimte zoals van "buiten" kan beleven, inderdaad een embryonale "afbeelding" van iemand die dat in het grote kan (vgl. Genesis 1,26) ?
d.) Bovendien komt erbij, dat hier als antwoorden de chaos en het toeval meer of minder uittreden. Want deze wereld en deze levende wezens en deze wereld van de deeltjes, en ook her verloop in het leven tonen zo'n zeer toevallige hoge graad aan ordening in de chaos, aan doelbewustheid en zin binnen het geheel zoals in een totaal kunstwerk; aan ontbrekende tussenschakels, zoals ze voor een toevallige evolutie noodzakelijk zouden zijn, enz. Reeds bij deze inzichtelijke stap wordt duidelijk, dat het moeilijk geworden is, niet te geloven, dan te geloven – aan een centrale oerintelligentie, die het begin en het doel van een "scheppingsprogramma" plaatst, en die de weg met zich verplaatsende wetmatigheden vormgeeft. Er is zo iets mogelijk geworden, wat boven het verstand naar hetzelfde resultaat kan leiden, zoals eens 800 voor Chr. het mythische bewustzijn van de oude volkeren, die hier met hun "rechter mythische hersenhelft" God aan het werk zagen.(De "goden" van andere volkeren waren oorspronkelijk ook slechts aanduidingen voor bepaalde eigenschappen van de ene god; pas toen deze wijsheid verbleekte werd die als zelfstandige "goden" gezien en ook met verder ontwikkelde menselijke wezens verwisseld, die er ook waren.) Op dergelijke wegen kwamen niet aan God gelovende wetenschappers zoals Max Thürkauf, Georg Todoroff, en vele anderen tot geloof in God..
e.) Geloof in de zin van ontstane diepe overtuiging is meer dan een zuiver intellectuele voor-waar-houden van iets.

f.) Bovendien tellen ook die mensen die als mystici enz. maar ook als normale gelovigen, directere, veranderende ervaringen met God en met Christus bevestigen en die door dit contact ook zeer reële ervaringen met de creatieve goddelijke geest in zichzelf hadden. Deze wegen kunnen ook naar een volledig zelfstandige manier vroeger of later tot een verwerking en tot inzichten over het wezen van ervaringen leiden. Hier begint de hoofdtekst van "De Wegen van Christus".

In de katholieke kerk is er de encycliek "Fides et Ratio" (geloof en verstand) van 1998, en paus Benedictus XVI heeft het thema in zijn Toespraak in Regensburg 2006 weer opgepakt: geloof zonder verstand en verstand zonder geloof zijn beide niets waard, omdat ze de mens als geheel niet bereiken. Michael Springer argumenteert hier tegenover in "Spektrum der Wissenschaft" januari 2007, niet elk hiaat in de kennis moet automatisch op rationele niet verklaarbare resp. naar God verwijzen – waarom het overigens bijv. met ons minder gaat om geheel concrete conclusies, zie ook. Hij geeft echter toe, dat het geloof, dat de wetenschap op zekere dag de grote hiaten zou kunnen verklaren, nu eenmaal ook alleen maar geloof is. De situatie is, dat hier tegenwoordig al behoorlijk veel inspanning moest worden geleverd, om gewoon de mogelijkheid voor de afzonderlijke wetenschapper open te houden, nog niet aan God te hoeven geloven (wat niet beslist atheïstisch hoeft te zijn, maar agnostisch kan zijn, d.w.z. ontbrekend geloof zonder definitieve registratie dat er geen God is). Ook een andere opvatting die het geloof in God slechts als een vermogen tot ethische bescherming van materiële cultuur erkende, voldoet alleen niet aan bovenstaande gezichtspunten.

Terug naar de index van deze pagina.

 

Bewustzijn, hersenonderzoek en de vrije wil.

Bij hun pogingen, beslissingen te nemen, hebben slimme mensen uit alle culturen en tijden*) lang voor het tegenwoordig onderzoek omvangrijke ervaringen voor de herkomst van hun verschillende gemoedsstadia verzameld. Spirituele resp. religieuze ontwikkelingswegen zijn een bewijs voor het vermogen van de mens, zich ook in deze innerlijke strijd om ethische beslissingen werkelijk mee te ontwikkelen, in plaats van alles als van te voren vastgelegd te bekijken.Toch waren er ook binnen het religieuze gebied enkele, die tot fatalisme neigden, dus tot geloven aan meer of minder grote voorbeschikking (determinatie) van het lot.

Van de mogelijkheid van het huidige denken is men meestal gedeeltelijk bewust. Wanneer iemand zich alleen van de inwerkende gevoelens bewust wil worden en blijven moet hij/zij er normaliter lange tijd intensief er op letten , om daarvoor gevoelig te worden.Nog iets onbewuster verlopen de uitingen van de wil, en het vereist nog grotere inspanningen hiervan volledig bewust te worden of ze zelfs geheel vrij vorm te geven. Deze onbewustheid van de wil kende bijv. ook al Rudolf Steiner onafhankelijk van het moderne hersenonderzoek. Maar hij wist ook, wat natuurwetenschappelijk nog helemaal niet is onderzocht, namelijk dat deze eigen controle ook van de wil zeer goed kan worden getraind. Veel christenen zijn er zeer van overtuigd, dat zelfs nog meer mogelijk is, namelijk de menselijke wil meer en meer "aan God over te geven".

Dit gaat op eniger wijze over op elk niveau van de eigen ontwikkeling, d.w.z. zolang de mens zijn innerlijk niet bijzonder diep controleert. Er is op deze wijze een instantie actief, die de weg helpend begeleidt. Deze weg leidt vroeger of later volstrekt naar een steeds bewuster leven. (Deze praktijk heeft niets te doen met de gehoorzaamheidseisen van een kerk t.o.v. haar gemeenteleden.)

T.o.v. deze achtergrond komen enige moderne neurologen tot andere conclusies,zoals die in enige wetenschappelijke tijdschriften werden weergegeven.

Deze ontdekten door metingen bij experimentele handbewegingen, dat de bewegingsbereidwilligheid in het zenuwsysteem groter werd, terwijl subjectief pas de bedoeling m.b.t. de handbeweging ontstond. Aansluitend geloofde de persoon dat de handeling zou zijn begonnen, die dan ook 1/100 milliseconde later inderdaad begon. **)

Dit bevestigt eerst alleen, dat - zoals boven vermeld – het bewuste denken van de mens normalerwijs niet de enige basis van zijn handelen is, maar de gecompliceerdheid van zijn wezen in zijn beslissingen een rol speelt. Het vastgestelde "bereidwilligheidspotentiaal" geeft echter helemaal niet weer, dat de mens door elke onbewuste beweging van de wil volautomatisch zou zijn bepaald, om haar ook te volgen. Dat zou een niet toegestane omgekeerde conclusie zijn. De vrije wil is zo dus helemaal niet weerlegd, zoals enigen van mening zijn. Het zou echter gepast zijn de vermelde ervaringen ("veldonderzoek"gedurende duizenden jaren) voor correct aan te nemen, dat meestal het zuivere intellect niet voldoende is om de "vrije wil" uit te oefenen. Het denken en goed plannen kunnen alleen een eerste stap tot een verantwoordelijke eigen rol zijn, er moet dan nog bijkomen, dat men zich met tot dan onderbewuste gevoelens en routinematige onbewuste impulsen van de wil bezig houdt. Het "neurale bereidwilligheidspotentiaal" wordt zich hier dan sneller van bewust. Het is dus zeer wel mogelijk een verantwoordelijk leven na te streven.

Bovendien kun je bedenken, dat wanneer bijv. de elektrische potentialen van de zenuweinden worden gemeten, alleen vanuit klassieke natuurwetenschappelijke visie over "oorzaken" zou worden gesproken. Geesteswetenschappelijk bekeken is het zeer wel mogelijk, daarin een "werking" te zien, namelijk het toetsenbord van de piano, waarop het ziels-geestelijke wezen alsmede zijn wil speelt. Datkan men op zuiver natuurwetenschappijk, biologisch niveau niet beslissen. Eveneens kan de biologie niet daarover beslissen of en hoe in dit gecompliceerde menselijke organisme Gods invloedaanwezig is. ***)Zij kan echter zeer goed vanuit haar standpunt zulke vragen beantwoorden. Zij zou bijv.kunnen meten, wat bij de mens anders kan verlopen, wanneer iemand met gebed bijv. tegen een ongewilde wilsimpuls aanloopt****) Alleen kan zij zo alleen nog niet beoordelen, wat bidden voor de gelovige "betekent".

*) Zie echter de verschillen in de archaïsche, magische, mythische en intellectuele ontwikkelingsstappen van het menselijk bewustzijn – zoals die in onze algemene gezichtspunten m.b.t. de natuurreligies & "religie als retourverbinding met God …" zijn weergegeven. De bronnen van menselijke bewegingen werden op bepaalde tijdensterker buiten de mens waargenomen, en een andere keer meer binnen de mens.De tegenwoordige mogelijkheden van de bewustzijnsontwikkeling worden vanwege de stappen in het leven van Jezus in onze hoofdtekst deel 1 geaccentueerd. De mens kan tegenwoordig bewust – in tegenstelling tot zijn vroegere, meer instinctieve wijze – bijv. leren die samenhangen met zijn omgeving en het milieu en ook met de aarde weer sterker te herkennen. Zoontstaan er voor de maatschappij behalve sociale en ecologische inzichten ook algemeen ethische en religiefilosofische gezichtspunten.

**) bijv. in het "spectrum van de wetenschap", april 2005. 

***) zie ook onze pagina natuurwetenschap en geloof aan God".

****) zie ook een weergave betreffende de "verwerking van het dagelijks leven".

Terug naar de index van deze pagina.

.

Informaties m.b.t. : Jezus Christus en voedingszaken.

De voorgeschiedenis: In het eerste boek van Mozes (Genesis), 29, staat: Toen sprak God, "Ik geef jullie alle planten, die zaad dragen, en alle bomen met zaadhoudende vruchten. Ze moeten jullie tot voedsel dienen." Hieruit zou blijken, dat de mens in eerste instantie de kauw- en verteringsorganen van een fructivoor (vruchteter) heeft (en niet van een alleseter, zoals kan worden gedacht, wanneer slechts de voor de meeste dieren voldoende categorieën roofdieren, alleseters en graseters worden bedacht). Na de (archeologische bijv. in Voor-Azië aangetoonde) zondvloed daarentegen Genesis 9,3 tot Noach: "Al het levendige moet jullie tot voeding dienen ; ... Alleen vlees, waarin nog bloed zit, mogen jullie niet eten." Tot zover heeft alles betrekking op een tijd voor het ontstaan van de tegenwoordige volkeren, had dus , in zoverre dit correct aan het nageslacht is doorgegeven, niet alleen betrekking op de latere joden. Na de uittocht uit Egypte werd dit in het vijfde boek van Mozes (Deuteronomium),14,3-21 bevestigd en er kwamen nog meer details bij. Vermoedelijk ging het sinds de vloed vanwege de omstandigheden daarom, in principe alles toe te staan, en slechts de wat de voeding betreft totaal ongeschikte stoffen te vermijden. In enkele gevallen konden daarvoor moderne voedingswetenschappelijke inzichten worden gevonden. Natuurlijk waren er verder omstandigheden, waar op de bijzondere betekenis van plantenkost werd gewezen, zonder dat dit binden voor allen voorgeschreven zou zijn, zie Daniel 1,8

Veelal scheen een samenhang te bestaan tussen de veel omvangrijkere, tegenwoordig nauwelijks meer begrijpelijke voorschriften over dieroffers en het genot van het offervlees. Reeds de profeet Hosea (6.6) gaf door: "liefde wil ik, geen slachtoffer, godsbesef in plaats van brandoffers". Hier vanuit gaand zei Jezus: "Daarom leert, wat het betekent: 'barmhartigheid wil ik, geen offer '" (Matth. 9,13 en 12,7). Bij Lucas 22,11, waar Jezus vraagt, waar hij het paaslam zou kunnen eten – dat dan bij het aansluitende avondmaal zelf helemaal niet opduikt -, zijn er vroegchristelijke "apocriefe" geschriften (die omstreeks 400 in de bijbelse canon niet werden opgenomen ), bijv. het "Evangelie der Ebionieten". Daar is het zo te lezen: "Begeer ik misschien op dit Paasfeest lamsvlees met jullie te eten?" De Aramese taal gebruikte voor zulke zinnen enige woorden minder, en maakte op die manier verschillende manieren van lezen mogelijk, wanneer de toonval niet meer van dat moment was. Hierdoor ontstonden verschillende vertalingen, die zich uitstekend voor huidige verwijten lenen. (De praktisch verdwenen – namelijk later verregaand geïslamiseerde – joods-christelijke gemeenschappen waren een echt en belangrijk deel van de vroege christenheid ook, wanneer ze in veel opvattingen zoals in boven voorbeeld van de overige zich van ontwikkelende kerken onderscheidden).

De Handelingen der Apostelen 15,19 berichten van de verklaring van de gemeenteleider Jacobus in de oergemeente, dat de (door Paulus gewonnen) "Heidenen, die zich tot God bekeren, niet moeten worden belast met (ongewone) lasten. Men maakt ze slechts duidelijk, verontreinigingen door afgodsbeelden (offervlees) en ontucht te mijden, en noch wat gewurgd is noch bloed te eten." Daarentegen schetst de vroege kerkhistoricus Eusebius, in apocriefe (zie boven) apostelakten enz. het beeld, dat Jezus, Johannes, Petrus, Jacobus enz. zelf tenminste normaal gesproken zonder vlees leefden.
Matth. 15,11-20 / Mk.7, 17-21 geeft evenwel aan, dat Jezus meer waarde hechtte, "aan dat, wat uit de mond komt:" dan aan dat, wat in de mond gaat", dit had betrekking op vragen van Farizeeërs na het handen wassen voor het eten. Het is dezelfde ordening van waarden, zoals die naar voren komt in de zin van de balk in het eigen oog en de splinter in het oog van de ander. D.w.z. het gaat erom, bij zichzelf te beginnen, in plaats van de angst voor uiterlijke invloeden. Het is daarentegen geen voorschrift, vlees te moeten eten.

Volgens Luc.. 10,8 raadde Jezus de discipelen aan bij hun omzwervingen dat te eten, wat hun de gastheren aanboden. Dat wil niet automatisch zeggen, dat dit helemaal niet van belang was. Maar het kan nog tegenwoordig bijv. in het Arabische gebied tot de meest onberekenbare reacties aanleiding geven, wanneer iemand een goedbedoelde spijs of drank van de hand wijst, en wanneer hij dit niet erg tactvol doet. Bovendien konden de toenmalige discipelen ervan uitgaan, dat zelfs onmiskenbaar schadelijke stoffen hen niet zouden schaden (Markus 16,18.). Het heeft dus geen zin, zulke bijbelwoorden uit de samenhang te halen en ze onbegrensd in het algemeen te gebruiken.

Nog meer dan Bijbelse voedingsvisies is het religieuze vasten gebaseerd op reiniging van het lichaam, waardoor de openheid voor diepere psychische, geestelijke ervaringen stijgt. Dit was vooral in de katholieke kerk verankerd – op vrijdagen, m.b.t. Goede Vrijdag en in de vastentijd tussen "Vastenavond" en Pasen. Maar ook buiten deze kerk is, nadat het lange tijd niet meer bijzonder serieus werd genomen, de betekenis van het vasten weer gestegen. Behalve bij voeding wordt daarbij ook op andere manieren vrijwillig het vermogen om te ontberen beoefend. Ook wordt eraan gedacht, dat vele mensen in de wereld honger leiden. Hoe ver dat allemaal kan gaan, laat al van de middeleeuwse mystici tot in de nieuwe tijd waargenomen onthouden van voeding - "inedia", zien, dat veel verder gaat, dan enige weken vasten. Dit komt zowel met christelijke als ook met andere achtergronden voor – tegenwoordig door velen "licht-voeding" genoemd – en betekent, dat de geest de materie veel sterker kan beheersen, dan dit tot nu toe wetenschappelijk werd aangenomen. Het veronderstelt, dat degene die het betreft zich daarin door God weet "geleid", resp. deskundig wordt begeleid, om gevaren te vermijden. (Dit moet niet als aanbeveling worden opgevat, om die weg in te slaan.)

Het lichaam is een instrument, en daar moet men verantwoordelijk mee omgaan.
Overigens zijn ook dieren, Bijbels gezien, door God geschapen levende wezens, medeschepsels; dus geen willekeurig behandelbare "dingen", zoals die tegenwoordig nog worden behandeld (door dierenbeschermingswetten steeds beperkt).
De beslissing, welke voeding voor hen de juiste zou zijn, moet uiteindelijk ieder zelf nemen.

Wie informaties over tegenwoordige vegetarische voedingsmiddelen zoekt, vindt ze bijv daar: http://www.ivu.org (De website "De wegen van Christus" is niet voor websites van anderen verantwoordelijk, en ondersteunt niet automatisch de inhoud ervan.)

Terug naar de index van deze pagina.

 

 Jezus Christus en genezing – ook tegenwoordig.

Jezus met zijn discipelen en andere begeleiders werden destijds door velen als een beweging voor het genezen van lichaam en ziel beleefd. Omdat dit tegenwoordig niet meer zo vanzelfsprekend is, moet daaraan worden gewerkt.

De wil om gezond te worden.

Jezus stelde een onvoorbereid mens eerst een belangrijke vraag: "wil je gezond worden?" (Joh. 5,6). Jezus spreekt tot de ziel.  De zieke beschrijft zijn uiterlijke hindernissen bij het zoeken naar genezing. Maar de vraag brengt hem er ook toe, zich bewust te worden, of / dat hij werkelijk gezond wil worden. Dit is de eerste voorwaarde van een juist begrepen genezing. Zolang het onderbewustzijn de weg naar genezing en het hulp zoeken vanwege één of andere reden blokkeert, zou ook het accepteren van deze hulp moeilijk zijn. Het zou dan eventueel mogelijk zijn, op welke weg dan ook, gebruik te maken van een medische Eerste Hulp Maatregel een symptoom te beïnvloeden. Maar genezing is iets wat daarboven uitgaat, wat alleen functioneert wanneer de zieke het zichzelf eigen kan maken, dus met zijn genezingskrachten kan verbinden. Op dit gebied beginnen niet alleen die medewerkers met een beroep in de medische sector en maatschappelijke werkers die bereid zijn met de patiënt samen te werken, maar juist ook serieuze "genezers" en mensen die genezingen door het geloof resp. door voorbede ondersteunen.

De geloofskracht.

Matth. 9,22 : Jezus wordt door iemand die genezing zoekt alleen maar aan zijn kleding aangeraakt en ze wordt gezond. Jezus: "jouw geloof heeft je geholpen" Wie geloofservaringen heeft, zal door deze geloofskracht iets zeer reëels in zijn betrekking tot God ervaren, wat het genezingsproces mogelijk maakt. Weliswaar laat ook het zogenaamde placebo-effect in de geneeskunde iets van de kracht van de menselijke overtuiging zien (waar bijv. suiker als medicijn wordt beschouwd). Daarbij vinden echter geen enorme veranderingen plaats van ziekteprocessen, zoals die bij geloofsgenezingen voorkomen. Jezus is ook het oerbeeld van een in ruime zin lichamelijk, psychisch en verstandelijk gezonde mens.

Uittreksel uit het hoofdstuk "de vraag naar de wonderdaden" van onze hoofdtekst*): Jezus Christus verwijst er niet alleen naar, hoe veel genezers van deze tijd, "kosmische energie" door zich heen voelen stromen, maar hij verwijst naar het geloof in een genezingsmogelijkheid door hem, tenslotte door God via de uiterlijk waarneembare persoon van Jezus. Ook tegenwoordig zijn er genezingen, die zoals oorspronkelijk bij de discipelen via gebed tot stand komen; en met betrekking tot het met Christus verbonden innerlijkste van de mens, dat de genezing en het meer volkomen worden van de mens wil, die dan volgens Jezus zelfs "groters doen" kunnen dan hij (Joh. 14,12-13).
De spirituele genezing zelf en de daarmee verbonden psychisch-verstandelijke vooruitgang blijven natuurlijk een niet afdwingbare genade, hoeveel de mens ook als voorbereiding daarvoor kan doen. Genezingen waren vaak „tekens", handelingen in het klein, die voor het grotere, het fundamentelere stonden. Bij de genezing van de blindgeborene op sabbat antwoordde Jezus, dat het er niet om gaat, als oorzaak van de ziekte zonden te zien, "maar (het gaat erom) dat de werken van God, aan hem zichtbaar zullen worden". Vgl. Joh. 5, 6-9; Joh. 6; Joh. 9, 3 e.a.
Tegenwoordig is het ook door vele ervaringen en inzichten op de grens der wetenschappen niet meer voor te stellen, dat Jezus inderdaad de natuurkrachten kon beïnvloeden. Dit fenomeen onder ogen te zien, kan voor ons huidige mensbeeld, voor een gehele, resp. christelijke genezing belangrijk zijn.

Het handen opleggen.

Niet altijd, maar vaak legden Jezus en de discipelen om te genezen de handen op. Deze praktijk komt af en toe tegenwoordig nog voor. De persoon, die zieken de handen op het hoofd of de schouders legt, spreekt daarbij een gebed, waar mogelijk begeleid door de gemeente. Het ondersteunt het invoelen en het bewustzijn, een kanaal voor Gods hulp te zijn. Dit zou symbolisch kunnen worden opgevat. Maar op grond van de inzichten uit moderne pogingen tot geestelijke genezing – daaronder bevinden zich ook bewuste christenen – weten wij dat het een realiteit is. In het vroege christendom werd hier van "Pneuma" gesproken, de levensadem of Heilige Geest*), die werd doorgegeven. Deze praktijk werd zowel bij genezingsvoorbeden als ook voor het zegenen gebruikt, gedeeltelijk verbonden met ander inspanningen. Zie bijv. Matth.19,13; Mc.8,23; Mc.10,16 (zegening van kinderen); Luc.4,40-41 (genezing & uitdrijving van geesten); Luc.24,50 (zegening van discipelen); Handeling der Apostelen 6,6 en 19,12 en ook 28,8.
Een genezingsvoorbede is echter niet zonder meer op het handen opleggen aangewezen. Het is overigens ook op afstand mogelijk – wat als moeilijker zou kunnen worden ervaren.

Ziekte die psychisch veroorzaakt wordt.

Het herstel van psyche, levenskrachten resp. lichaam hangen nauw samen. Al een goede "psychisch" of maatschappelijk advies kan daarom ook invloed op psychosomatische ziekte hebben – wanneer weloverwogen raadgevingen ook omgezet worden, in plaats met fouten in het leven door te gaan.

Uittreksel uit het hoofdstuk "De heilige bezieling en ... emoties" van de hoofdtekst' *): Jezus leefde voortdurend in „positieve huivering voor God" en medeleven met de mensen ... Bij de normale mens zijn eerst bijna alle emoties op zijn minst vermengd met problematische onderbewuste prikkel-reactiemechanismen – die biografisch verschillend en verschillend sterk aan de dag treden, maar in hun basisstructuur zeer gelijk zijn. Zelfs... steeds verder zulke mechanismen uit de eigen reacties op te pikken, ze te bekijken, in plaats van ze te verdringen, en ze op die manier psychisch de baas te worden resp. ze aan God door te geven, is een lang leerproces.

Het is daarbij meestel niet erg effectief, op gewone wijze dadelijk problematische complexen in zijn totaliteit te willen bewerken. Effectiever zou het zijn, eerst enkele gevallen van deze betreffende belevenissen te zoeken, en daarbij ook bewust te onderscheiden, of het om "een balk in eigen oog" of om een "splinter in het oog van de ander"(Matth.7,1-5) gaat, en wie verantwoordelijk is. Veel christelijke scholen zouden het eerste sterker benadrukken, omdat het moeilijker is, en pas geleerd moet worden, naar eigen problematische daden te kijken, en omdat deze eerder te corrigeren zijn. In de psychologische praktijk zou vaak meer het andere perspectief als offer op de voorgrond staan. Aan het eind zal worden opgemerkt, dat desondanks beide zijden meer of minder een rol hebben gespeeld.

Een mogelijke manier van handelen in verband hiermee is: 1. bijv. het betreffende als negatief ervaren gevoel, zoals die concreet naar voren komt, innerlijk te onderzoeken (bijv. angst, haat en woede) onverschilligheid en arrogantie, overdreven twijfel ...). 2. in plaats van te piekeren, een moment rustig te wachten, om zich zo mogelijk bewust te worden, waarom het gaat. Dan 3. Dit zo te ervaren, juist lichamelijk merkbaar geworden probleem in het gebed **) aan God over te geven. 4. rustig wachten, tot een spoor van opluchting ontstaat.

Dit zou misschien bij enige meditatieve***) oefening bijv. zoals een naar boven wegvloeiende stroom en eventueel een daarna van boven toestromende stroom van vernieuwende krachten worden gevoeld. Het is anders ook mogelijk, de negatieve emotie enz. met de adem "uit te ademen", met de houding, het aan God over te geven; en bij het inademen mogelijk te maken, dat het positieve uit de barmhartigheid van God uit kan binnenstromen (een variatie op het voortdurende gebed van de christelijke monniken op de berg Athos, dat in hoofdstuk "de stilte in de woestijn" in onze hoofdtekst is vermeld)

Mentale problemen.

Uittreksel uit het hoofdstuk "De verheerlijking" van de hoofdtekst*: Er is het „positieve denken" en positieve "bevestigingen" (grondprincipes). Het zou weliswaar, wanneer het niet-egoïstisch is en niet aan grootheidswaanzin lijdt en zonder technische manipulaties zou worden gepraktiseerd, het denken in een toestand kunnen brengen, waaraan meer verwant is, wat van God kan komen; het zou daarvoor open kunnen staan. De literatuur van deze richtingen laat toch grotendeels zulke zorgvuldigheid achterwege, en zo kan het vaak ook in zelfbedrog eindigen.

"Problemen i.v.m. het lot".

Men weet bijv. uit moderne pogingen om de geest te genezen, dat er gevallen zijn, waar de indruk ontstaat, dat een genezing (nog) niet mogelijk resp. "niet toegestaan" is. Dat is zo iets als een niveau van de "programma's ". Het zou bijv mogelijk zijn, dat de zieke nog iets uit de ziekte "wil" of moet leren. Ook dit is echter met God via één oplossing mogelijk. Zie daarvoor ook het hierboven vermelde gedeelte "de wil om gezond te worden".

Juridische vragen.

Een uitsluitend christelijke gebedsgenezing met handoplegging is bijv. in Duitsland door de principiële vrijheid van godsdienstbeoefening beschermd. Wie dit echter via huisgebruik in privé-kring of vanuit de kerk als dienst aan zou bieden, moet van te voren beter naar de rechtspositie informeren. Indien daarbij handelingen plaatsvinden, die door anderen als diagnose of directe therapie zouden kunnen worden uitgelegd – ook wanneer dit kosteloos of op basis van giften plaatsvindt – zou men in Duitsland of een diploma van heilprakticus of een officiële erkenning als arts moeten hebben (geestelijke genezers bijv. – waarvan de praktijk meestal van de klassieke oorspronkelijk christelijke genezing afwijkt, maar ook overeenkomsten daarmee heeft – kunnen vaak ziekten met de handen aanvoelen enz.) Ook wanneer het te wensen zou zijn, dat wetten rekening zouden houden met het speciale karakter van deze bezigheden op een onbureaucratische manier raadt ook de "overkoepelende organisatie geestelijk genezen "****) onder de gegeven omstandigheden het halen van een examen aan. Er is theoretisch een vereenvoudigde vorm daarvan toegestaan, wanneer er maar psychologisch advies of geestelijke genezing wordt uitgeoefend. Of deze vereenvoudigde vorm overal kan worden toegepast, is een andere vraag. In Engeland bijv. zijn "spirituele genezers" reeds algemeen geaccepteerd en ook in ziekenhuizen toegelaten.

Afgezien van wettige vragen, doet degene die om genezing verzoekt er goed aan om ook voor gezonde voeding en dieet te zorgen, aan lichaamsoefeningen te doen en te zorgen voor voldoende slaap en te bidden.

*) De 'hoofdtekst' behandelt deze en andere punten vanuit een bredere gezichtshoek, - namelijk betr. de mogelijkheden van de menselijke ontwikkeling in het algemeen; dus in groter verband dan "genezing" in engere zin.

**) Algemeen voor de beste innerlijke houding bij het bidden vgl. ook onze pag. "een gebed voor vrede ..."
***) Zie de pag. "christelijke meditatie"

****) World Federation of Healing - over de gehele wereld verschillende groepen http://www.wfh.org.uk
Onder de afzonderlijke verenigingen is ons er tot op heden geen bekend, die slechts bestaat uit christelijke genezers. Dit was begrijpelijk, zolang deze christelijke traditie zeer onopgemerkt was. Tegenwoordig echter wordt het langzaam tot een curiositeit. Maar een eenvoudige effectieve bijbelse praktijk met intensieve genezingsvoorbede is vooral hier en daar in evangelische vrije kerken te vinden zoals baptisten of pinksterkerken; ook bij enige katholieke bedevaartplaatsen zoals Lourdes gebeuren buitengewone genezingen door gebed en geloof. (onze website is niet voor websites van anderen verantwoordelijk, en ondersteunt niet automatisch al de veranderende inhoud ervan).

Terug naar de index van deze pagina.

 

M.b.t het christelijke zegenen.

Als gelovig christen kunt u alles en allen zegenen, voor zover u voelt, dat het met het geloof harmonieert en wanneer u zich op God hebt ingesteld. Er is niet alleen de gebruikelijke zegen door priester of dominee uit 4e Mozes (Numeri) 6:23 - 7:1 . 

U kunt – ook als leek- de zegen geven. U hebt daarvoor geen formule nodig en hoeft niet hardop te spreken; alleen de goede innerlijke houding is nodig, in deze betekenis: "De zegen van de Heer zij met jullie, zoals Hij het zou willen". God zal van deze zegen niets verkeerds ontwikkelen. Dit gebruik komt nog zelden voor, maar het zou van groot nut kunnen zijn.

Er zijn veel gedeelten in de bijbel met het thema zegen. Enige typische gedeelten met de verschillende aspecten van de zegen zijn: Zacharia 8:13; Handelingen der Apostelen. 3:26; Efeziërs 1:3; 1 Petrus 3:9-12; Hebreeën 6:7. Bovendien de bijbelgedeelten: Matteüs 5,44 resp. Lucas 6:28; Romeinen 12:14; 1. Mozes (Genesis) 9:1; 5. Mozes (Deuteronomium) 11:26; Psalmen 115:13; Spreuken 11:25.

*) Het is vanzelfsprekend: waar bijv. wapens worden gezegend, de engelen met zulke "zegeningen" problemen zouden kunnen hebben...

Terug naar de index van deze pagina.

 

Treuren als mogelijk onderdeel van het Christen zijn

Veel christelijke kringen, juist de streng gelovigen, wekken de eenzijdige indruk, dat Christenen zich het beste in hun eigen lot kunnen schikken, en ook de ontwikkelingen in de wereld niet geëngageerd moeten bekritiseren: ze kunnen weliswaar om beterschap bidden of ook anders iets daarvoor proberen te doen. Maar dat ze zich bij God "enigszins bitter beklagen" kunnen - zie de Klaagliederen in het Oude Testament – komt behalve in literaire vorm ('Don Camillo en Peppone') slechts nog zelden voor, wordt in elk geval in de kerken slechts zelden officieel onderwezen. Bij persoonlijk gebed kan het eerder voorkomen. Wordt zelfs nog de Joodse praktijk bij de klaagmuur in Jeruzalem met deze situatie vergeleken – zonder nu iets gelijksoortigs voor Christenen te willen aanbevelen - dan wordt definitief duidelijk, dat het hier om een mogelijk onderdeel van het geloof dat zeer belangrijk is, gaat.

Juist ook wanneer de specifiek Christelijke waarden en beloftes - vgl. bijvoorbeeld in de Bergrede Matth. 5:5 "Zalig zijn de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde beërven" waar in de wereld altijd nog een dominerende ontwikkelingsrichting tegenover worden gesteld, zou de gedacht kunnen ontstaan, dat hier misschien zelfs zou kunnen meespelen, dat Christenen met zulke beloftes niet kunnen omgaan. Beloftes zijn geen vrijblijvende mogelijkheden van de genade, die er ook zijn, en die kunnen komen of ook niet. Maar het zijn beloftes. Wanneer die worden vervuld, kan ook van de evenwichtigheid van de mensen afhangen, resp. daarvan dat ze "door bidden verkregen" worden: "Het Koninkrijk der Hemelen breekt zich baan met geweld". Matth.11:12.

Het was niet meer duidelijk, over wie of wat hier zou moeten worden geklaagd. Over andere mensen? Of over de - door enige theologen wegverklaarde – duivelse machten, die aan de verleiding van de mensen kunnen hebben meegewerkt? Allen kunnen er voor een deel verantwoordelijk voor zijn. Dan komt echter het idee op "dit werd toegelaten" (met sommige menselijke gedachten "omdat..."). Is echter deze "regie", die iets "toelaten" kan of niet, en zo de spelregels van de Heer verder uitwerkt, alleen direct het allerhoogste? Het zou zeer onlogisch zijn gedacht, wilde iemand God zelf voor het kwaad in de wereld of oor elke soort van "toestemming" verantwoordelijk laten zijn. In de eerste eeuwen spraken en schreven de tegenwoordige nog in de één of andere kerk een hoog aanzien genietende kerkvaders nog van de overgeleverde engelhiërarchieën, die tussen God en de mensen enz. staan. De gnostici spraken bovendien ook nog van zog. "Archonten" met vaak problematische eigenschappen. Ook andere culturen hebben zulke ervaringen op hun manier opgepakt: bijv. het Tibetaanse dodenboek is vol aanbevelingen, hoe met zulke wezens na de dood moet worden omgegaan. Juist wat de principiële dingen betreft, die boven de kleingeestige wederzijdse verwijten van de mensen uitgaan, zou op een dag bevestigd kunnen worden, dat hier een nog niet geheel foutieve "Regie" onder het allerhoogste, ook onder Christus aanzienlijk meespeelt - die echter vergeleken met de mens of zelfs vergeleken met direct negatieve krachten buitengewoon "hoog" staat. Deze aanzet is ook een bijdrage aan de oude kwestie van de filosofen volgens "theodicee" resp. volgens de verhouding van God t.o.v. het kwade van de wereld (zijn "rechtvaardiging").

Tenslotte: Het is weliswaar mogelijk, bij God zijn beklag te doen, want hij blijft de juiste aanspreekpartner; maar het heeft geen zin, zich over hem te beklagen. Deze klacht kon ook inhouden, Gods inzichten met de daarbij behorende losgewoelde menselijke gevoelens door te geven, ook wanneer deze gevoelens in plaats van verdriet bijv. irritatie over onrecht bevatten (Matth. 5:6). Omdat dan de oplossing aan God wordt overgelaten, geeft deze klacht in principe een speciale soort van intensief gebed weer. De liefde resp. hoogachting tegenover God resp. Christus hoort daar bovendien bij; dit biedt ook bescherming tegen het vervallen in pure negativiteit, die dan niet meer naar God zou leiden, maar eerder naar iets anders. 

Het is een andere weg, deze gevoelens eerst zelf wat tot rust te laten komen, zodat een klassiek zuiver gebed mogelijk is, waar voor God alles in de vorm van dank en verzoeken wordt neergelegd. Het is zeker een passende houding tegenover God, normaal op deze manier te bidden. Het is echter ook toegestaan op de zoals hierboven aangegeven manier te klagen, wanneer het nodig lijkt en eerlijk (authentiek) is.

Terug naar de index van deze pagina.

 

Een christelijke weg om de gebeurtenissen in het leven te verwerken.

– Wie - met Jezus als norm en hulp - vanuit de eigen onvolkomenheden op zoek is naar meer toekomstmogelijkheden (vgl. de pagina "...Ethiek": geen schade berokkenen maar helpen...), zou zich wellicht eerst van de eigen karaktergebreken, van gemaakte fouten en misstappen bewust moeten worden, in plaats van alle stemmingen, problemen en schade op anderen af te schuiven (vgl. Mt 7:1 Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt; 2 want met het oordeel, waarmede gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden,en met de maat, waarmede gij meet, zal u gemeten worden. 3 Wat ziet gij de splinter in het oog van uw broeder, maar de balk in uw eigen oog bemerkt gij niet?...)
Iets dergelijks wordt, zodra het mogelijk is, en met zoveel innerlijke rust als dat kan (vgl. ons Hoofdstuk uit de hoofdtekst "De stilte in de woestijn") en zo nauwgezet als bij een te voltooien 'product', innerlijk of op papier genoteerd en doorzocht of het kan worden verbeterd, en ook wordt het resultaat waargenomen. D.w.z. eigen inzet wordt geëist: daarbij mag het om daarop betrekking hebbende gebeden gaan, en er zou hulp kunnen komen overeenkomstig het geloof; toch zal dit bij ernstiger en daarom bij op de totaliteit gerichte praktijk ook met correcties in de instellingen en in het denken, met meer waakzaamheid voor negatieve gevoelens en uiteindelijk ook met veranderingen van het gedrag samen verlopen. Het geheel verloopt eenvoudiger, hoe meer fijne delen van hetgeen dagelijks wordt gezien op zo'n manier wordt aanschouwd en dan apart via het gebed aan God wordt doorgegeven.......(Vgl. het hoofdstuk "De Hl. bezieling, en gezichtspunten m.b.t. emoties".)
Vooral diep gewortelde gewoontes zijn moeilijk te veranderen, omdat ze in een onbewust vlak van de persoonlijkheid zijn verankerd. Daarvoor is op de weg vaak al veel ervaring in inzicht van onder- of onbewuste oorsprong nodig (toch kan het ook onmiddellijk lukken, zoals ook bij rokers , die van de ene minuut op de andere besluiten voor altijd op te houden met het roken. Vgl. het Hoofdstuk "De transfiguratie van Christus").
Dit "toekijken en bewust met behulp van gebed verwerken" zou op zich al een spirituele weg zijn, die ver kan gaan, en iemand het hele leven kan begeleiden; die echter ook bij een overeenkomstige intensieve praktijk al op korte termijn voor belangrijke vooruitgang kan zorgen. "Diepere lagen" van de nog in het reine te brengen zaken moeten misschien nog worden aangepakt, hoewel ze reeds in hoge mate zijn verbeterd.
– Er zullen ook suggesties vanuit het geweten opduiken ... (vgl. Mt. 5,5 en 5,9 ...).

(Deze praktijk is in eerste instantie toepasbaar, wanneer het gaat om de verbetering van het gedrag, die psychologisch gezien eerder binnen het kader van het "normale" liggen. Wanneer het om de verbetering van toestanden gaat die tegenwoordig in zekere zin als ziekelijk gelden, zou het des te meer gewenst zijn, dat iemand die hiermee ervaring heeft, d.w.z. een psychologisch geschoolde hulpverlener, actief zou begeleiden, omdat dan de zelfstandigheid in de omgang met de eigen problemen nog meer is beperkt, zoals dit immers bij alle mensen het geval is, wanneer men aandacht moet schenken aan eigen tekortkomingen. Zou iemand daarin zo beperkt zijn, dat het ook met ondersteuning niet zou gaan, dan zou het altijd nog mogelijk zijn, dat zo’n hulppersoon voor de betrokkenen zou bidden, als aanvulling op een geschikte therapie. Voorop staat dat hulp wordt gezocht, want van Jezus is de belangrijke vraag bekend "wil Jij gezonde worden?" Vgl. onze pagina "...Genezing".)

Terug naar de index van deze pagina.

 

Christelijke visies op economie en sociale vragen.

Eerst moet erop gewezen worden, dat de mens ook volgens de nieuwste onderzoekingen op het gebied van economie *) niet dat zuiver egoïstische wezen is, dat de liberale economische theorie tot aan nu vooropstelde. Slechts een minderheid handelde zuiver op grond van eigen belangen. Voor de meesten spelen andere waarden zoals vrijwillig wederzijdse samenwerking een minstens even zo grote en vaak beslissende rol. Deze "wederzijdse onbaatzuchtigheid" leidt natuurlijk evenmin als het egoïsme automatisch naar de beste maatschappij, maar kan ook in de zin van groepsvorming uitpakken. Dan helpen slechts bewuste, consequente ethische beslissingen verder.

Hier kunnen psychologische en religieus-ethische gezichtspunten beginnen. De mens is als het ware als individueel en als sociaal wezen bedoeld. Zowel een gezond – niet opgeschroefd- zelfbewustzijn als ook een solidaire houding tegen de medemens zijn bij passende openheid te oefenen. Waar slechts de egoïstische kant aanwezig schijnt, is de altruïstische kant of niet sterk ontwikkeld of o.a. door de harde "scholing" door de westelijke maatschappij bedorven. De socialistische maatschappijen beklemtonen eenzijdig de solidariteit en lieten omgekeerd vaak de vrijheidslievende individualistische kant van de mens achteruit gaan – en kwamen in zoverre ook niet met dat overeen, waarvoor de mens is bedoeld. Waar de mensen geen evenwichtige verhoudingen aantreffen, laten ze dit vroeg of laat merken door kritiek enz. Of er wordt dan op tijd bijgeleerd, of het gaat vroeg of laat bergaf. Dit geldt ook voor de tegenwoordig overheersende economische vorm, die door globaal handelende grote ondernemingen wordt gekenmerkt. Jezus raadt aan, eerst de betreffende eigen problemen op te lossen. (Matth. 7).

Weliswaar zijn de waarden van de bergrede (Matth. 5-7) ** enz. niet direct in maatschappelijke handelwijzen te vertalen. Maar toch zou de bewustzijnssplitsing niet in de zin van Jezus, bijv. in het privé-leven volgens het gebod van de naastenliefde te handelen, en in beroepsmatige of maatschappelijke functies precies tegengestelde principes zijn toe te passen. Een oprechte ethiek *** moet zich op alle niveaus bewijzen, en tenslotte ook voor de wereld als totaal gelden. Bijv. de waarde der barmhartigheid en dat Jezus zich ook in de praktijk juist tot de armen wendde is zonder twijfel ook afgezien van de bekende kerkelijke sociale diensten maatschappelijk relevant. – ook voor de menselijke omgang binnen ondernemingen. Ook Matth. 22,21 heeft een zeer praktische betekenis, doordat daar naast de barmhartigheid ook de overleverde "tiende" van Jezus wordt bevestigd, d.w.z een naast de Romeinse belasting bestaande 10%- gift voor religieuze resp. liefdadige doelen. De hulpvaardigheid zoals Jezus die tentoonspreidde berust echter op vrijwillige beslissingen; het is niet mogelijk, daaruit direct een vorm van dwang af te leiden. Zoals voorheen, gelden de geboden 9 en 10 "Gij zult niet begeren iets wat van uw naaste is". Ondanks alle inspanningen de sociale positie van velen te verbeteren, blijven de verschillende levenssituaties in Gods hand.

Het zelfde in Matth. 25,14-30 / Lucas 19 gaat uit van bekende materiële feiten. De samenhang (bij Lucas bijv. de ethische houding van een tollenaar, bij Matteüs bijv. de voorgaande gelijkenis over de geloofskrachten van de maagden) toont echter, dat daarmee iets omvangrijkers moet worden aanschouwelijk gemaakt, dan de vermeerdering van materiële goederen resp. financiën. Dit komt duidelijker bijv. in Luc. 12 / 33 tot uitdrukking, waar geestelijke waarden boven de aardse worden gesteld. Toch heeft de verantwoordelijke omgang met vertrouwde goederen echt ook betrekking op het materiële. Ook waar bijv. wordt aangeraden, de armen en benadeelden te ondersteunen, wordt deze materiële of financiële ondersteuning een waarde toegekend, in plaats dat het materiële algemeen als waardeloos zou worden beschouwd. Het komt er dan bijv. op aan, of het geld of het bezit doel op zichzelf is, of voor iets zinvols wordt ingezet - Matth. 6,24: de onmogelijkheid God en de mammon tegelijkertijd te dienen.
Bijv. liegen en te bedriegen, psychische terreur op het werk uit te oefenen, en projecten te lanceren, waarvan de onschuld voor (niet-criminele) medemensen en andere schepsels niet voldoende is bewezen, is niet in de zin van een verantwoordelijke met elkaar, zoals het Jezus constant demonstreerde. Jezus leert ook niet, steeds zog. "dwang " op de voorgrond te stellen.

Uit de islam is het verbod van de rente bekend. Maar Joden en christenen zouden in de bijbel gelijke raadgevingen kunnen vinden (in het Oude Testament zelf zijn het verboden):
Ezechiël 18:8 en 9: "Die geen woekerwinst neemt, niet tegen rente (andere vertaling: te hoge) uitleent, zich van onrecht onthoudt, eerlijk bij geschillen de rechtvaardigheid betracht; naar mijn inzettingen wandelt en mijn verordeningen in acht neemt door trouw te betonen: zo iemand is rechtvaardig, hij zal voorzeker leven, luidt het woord van de Here Here."  
Zie ook. Ezra 7:24 (rente-, tol-, en belastingverboden tegenover bepaalde beroepen); 
Spreuken 28:8 werd soms op een wat eenvoudige wijze zo uitgelegd, het omgaan met het door rente verkregen geld is onbelangrijk, omdat het geld via de rijken toch weer aan de armen ten goede zou komen. Waar tegenwoordig geld in strijd met de belangen van de armen of algemeen welzijn wordt gebruikt, is aan de voorwaarden van de tekst niet voldaan. Om aan de waardeorde in deze tekst te voldoen, komt het er juist op aan, waarvoor het geld wordt gebruikt. In het Nieuwe Testament zie betreffende rente ook Mt. 23:23 en Mt. 17:24.
Voor deze uitwerking is het meest van belang, wat ook dan nog als waardevol is, om over na te denken, wanneer het referentiekader, waarin het Oude Testament is ontstaan, wordt verlaten. Daarom wordt hier op Deuteronomium 23,20 niet nader ingegaan.

De bijbel wijst erop geen onnodige schulden te maken (Spreuken 22:7) en met vooruitziende blik te plannen (Spreuken 21:5), en met wijsheid en met verstand voortdurend bij te leren (bijv. Spreuken 4:5-8). Sparen werd aangemoedigd. al de vermelde "Tiende" diende elk jaar achteruit te worden gelegd, om daarmee naar de religieuze feesten te kunnen reizen en daarvoor te beschikken over gaven (5. Mozes 14:22-27). Paulus riep Christenen op elke week iets te sparen om, indien nodig, voor in nood geraakte medechristenen achter de hand te hebben (1 Korintiërs 16:1,2), en adviseert een matige houding in de omgang met aardse goederen (1 Timotheüs 6:8). Jezus gaat ervan uit, dat moet worden berekend of er genoeg geld is, voor bijv. aan een bouwproject wordt begonnen (Lucas 14:28). Duurzaam omgaan met de economie is ook tegenwoordig dringend nodig als therapie en uit voorzorg: particuliere, economische en openbare schuldenlasten zijn de oorzaak van de wereldwijde financiële instabiliteit. De website Christuswege beoogt geen politieke doelen; daarom worden hier slechts algemene gezichtspunten aangegeven.

*) Volgens Ernst Fehr, directeur van het Instituut voor Empirische Economisch Onderzoek aan de universiteit van Zürich, volgens interview in "Spectrum der wetenschap" maart 2002, "wederkerig altruïsme...".
**) In meer geestelijk opzicht worden deze waarden in het hoofdstuk over de bergrede in onze hoofdtekst deel 1 verklaard.
***) Zie ook ons hoofdstuk "Grondbeginselen van de ethiek".

Terug naar de index van deze pagina.

 

Algemene christelijke visies op maatschappij en politiek *).

Matth. 22, 21; Mc 12,13-17; Lc 20,20-26: "Geef de keizer wat des keizers is, en Gode wat voor God is" is een realistische houding betr. de belastingbetaling aan het Romeinse gezag. Er blijkt daarin ook een duidelijk onderscheid tussen staatkundige en religieuze functies. Daarentegen is hier geen principiële onderworpenheid tegenover de overheid gemeend; Handelingen der Apostelen 5,29: "...Men moet God meer gehoorzamen dan de mens." Dienovereenkomstig rechtvaardigt Jezus ook niet automatisch elk falen met "bepaalde dwang".

Enerzijds is de algemene waardeschaal van de bergrede (Matth. 5-7) enz. niet direct op maatschappelijk handelen over te brengen. Echter zou het niet in de zin van Jezus zijn, in het privé-leven volgens het gebod van de naastenliefde te handelen, en bijv. in bonden of politieke functies van tegengestelde principes uit te gaan. Een serieuze ethiek **) moet op alle niveaus aan de verwachtingen voldoen, en tenslotte ook voor de wereld in zijn totaliteit gelden. Bijv. zou het niet in de zin van de oprechtheid en verantwoordelijkheid zijn, die Jezus demonstreert, om met onoprechte methoden tegenover mededingers succes te verwerven; de publiciteit te bedriegen; en via de gedupeerden projecten te ontwikkelen, waarvan de onschuld voor (niet-criminele) mensen en andere schepselen niet voldoende is bewezen. Zo kan voor een christelijk engagement ook zelfstandig denken nodig zijn, dat boven een eenzijdig "links-/rechts" denkpatroon uitstijgt.

Matteüs. 7:3-5 "...doe eerst de balk uit uw eigen oog weg, dan zult gij scherp kunnen zien om de splinter uit het oog van uw broeder weg te doen" is blijkbaar geen aanleiding, de enkeling geheel te begrenzen tot de subjectieve confrontatie met zijn eigen zwakheden – welke indruk enige christelijke kringen zouden kunnen wekken. Het moet gewoon de levenshouding worden telkenmale bij zichzelf te beginnen - om daarna des te vrijer, namelijk zonder eigen problemen, anderen erop te wijzen deze te vermanen resp. te kritiseren, waar dit nodig schijnt. Dit wederom kan zowel betrekking hebben op de persoonlijke kring als ook op politici.

Een profetisch advies is te vinden in Jeremia 29,7: "zoekt het beste van de stad, waarheen ik jullie heb laten wegvoeren, en bidt voor hen tot de Here; want wanneer het goed met hen gaat, dan gaat het ook goed met jullie." Dit suggereert een beslissing ten gunste van de gemeenschapszin in de breedste betekenis. Christenen wordt ook door Matth. 5,13, Matth.13,33 enz. op het hart gedrukt, zich voor de maatschappij te interesseren, en "het zout der aarde" te zijn. Echter kunnen er voor christenen ook situaties zijn, waar ze zich van maatschappelijke misstanden moeten distantiëren: Openbaring van Johannes 18,4: "En ik hoorde een andere stem uit de hemel, die sprak: gaat uit van haar (de stad 'Babylon'), mijn volk, opdat gij geen gemeenschap hebt aan haar zonden en niet ontvangt van haar plagen!"

*) Deze website streeft geen politieke doelen na. Hier worden m.b.t. dit thema slechts algemene suggesties gedaan

**) Zie ook ons hoofdstuk "Grondbeginselen van de ethiek"
Zie ook ons hoofdstuk "Christelijke visies m.b.t. economie en sociale kwesties.

Terug naar de index van deze pagina.

 

Christendom en filosofie: n.a.v. de redevoering van Habermas "Geloof en kennis" *).

De filosoof Prof. Dr. Jürgen Habermas, tot nu toe als niet religieus beschouwd, erkende het belang van religieuze voorstellingen ook als wortel van de waarden en van de sociale samenhang van een wereldlijke maatschappij. Het geschapen zijn naar het evenbeeld van God van de mens, geschapen met de mogelijkheid tot en het recht op vrijheid, zou ook "religieuze onmuzikale mensen" – zoals hij ze beoordeeld – iets zeggen. De wereld blijft aangewezen op verzoening en vergeving – dus op waarden, die uit de religie voortkomen. Hij verwijst naar het "lijden van de onschuldige mishandelden, vernederden en vermoorden, dat boven elke maat van godsmogelijke schadeloosstelling uitgaat". "De verloren hoop op opstanding laat een merkbare leegte achter (in de seculiere maatschappij)

Bij onderlegde christenen vindt Habermas belangrijke concessies die nu omgekeerd waar ook wereldlijke denkers t.o.v deze christenen aan moesten voldoen:- Het religieuze bewustzijn zou de inzichtelijk "dissonante" ontmoetingen met andere geloven en religies verwerken. Opmerking: In elk geval is in Europa een zekere civilisering van de omgang te melden, die echter ook begrensd is. Gezichtspunten, die voor een oecumenische of interreligieuze dialoog belangrijk kunnen zijn, zijn in onze hoofdtekst hier en daar aanwezig, en op enkele extra pagina's bijv. betr. de kerken en betr. ethiek. – Het zou zich verder op de wetenschappelijke "autoriteiten" moeten instellen. Opmerking: vanuit de visie van deze website is de wetenschappelijke mainstream (grootste deel) vaak op geen enkele wijze aangepast aan de laatste ontwikkelingen, of wilde die vanuit economische en andere redenen niet toegeven. Deze vorm van autoriteit is daarom op vele gebieden twijfelachtig geworden. Ook op wetenschappelijk gebied ontbreekt het aan interdisciplinaire openheid, en aan het nodige pluralisme. Dit geld ook juist voor de belangrijke vragen, die het mensbeeld raken, bijv. in de gentechniek (welke problematiek Hamermas aangeeft); maar ook in de overige natuurwetenschappen. Dit probleem wordt in meer gedeelten van onze hoofdtekst langs de stappen van de evangeliën opgepakt. Het is echter juist, dat een dialoog tussen religie en wetenschap noodzakelijk is. Alleen moeten dan onze ervaring naar ook de nieuwere stromingen uit de natuurwetenschappen **) erbij betrokken worden, d.w.z. ook "onderzoek door buitenstaanders" enz. Bovendien moeten er dan vanuit de religie ook inzichten worden bij betrokken, die vanuit de bewuste verwerking van religieuze diepte-ervaringen voortkomen, in plaats van alleen maar theologische denkmodellen. Alleen zo is het mogelijk, niet langs elkaar heen te praten. Dialogen tot nu toe op basis van verouderde wetenschappelijke paradigma's (basisveronderstellingen, wereldbeelden) resp. verkorte voorstellingen van christendom zijn daar onvoldoende. Ook geesteswetenschappen zouden van zo'n proces kunnen profiteren, waarin de mens weer tot mens wordt, zijn ziel weer tot ziel, in plaats van tot alleen maar een chemische hersenfunctie.
Het religieuze bewustzijn zou zich moeten inlaten met de "vooronderstellingen van een grondwettelijke staat….." Hij wijst erop, welke destructiviteit zich zonder deze stap in het religieuze gebied kan voordoen. Opmerking: Deze aanpassing van moderne christenen aan vrijheidlievende waarden is gedeeltelijk een stap in de richting van de oorsprongen voor het samensmelten van het christendom met dwangmatige instrumenten vanuit de staat sinds 325 n.Chr.

Terwijl dus christelijke resp. religieuze kringen zich in de omgang met wereldlijke instituten meestal aan de taal ervan aanpasten, zouden zich nu volgens Habermas de geheel wereldlijk denkende en sprekende kringen in de dialoog met christenen resp. religieuze mensen op het eigenlijke denken van hen moeten instellen, in plaats van "het, wat eens gemeend was"alleen te "elimineren". De seculiere meerderheid zou in voor gelovigen mogelijke belangrijke kwesties geen beslissingen van de meerderheid doordrukken, zonder serieus te hebben nagegaan, wat ze zelf van de inspraak van deze zijde kunnen leren. Opmerking: Nu, moeten inderdaad natuurwetenschappers, politici, enz. zich in het gesprek met christenen op het bepaalde "iets" instellen, dat in begrippen zoals "de schepping" bewaren" "schepsel", zelfs "mens" enz.. zit, tegenover begrippen zoals kosmos, biosfeer, ecologie, levend wezen, homo sapiens………

Habermas zet op een bemiddelende "derde partij" tussen religie en wetenschap: een "democratisch wijzer geworden common sense" (gezond mensenverstand/ - verstand); en dit in een "post-seculiere maatschappij", die zich op het voortbestaan van religieuze groepen instelt. Opmerking: Dat functioneert tot nu toe bijv. in Duitsland nog niet geweldig. Op zijn minste moeten de grote kerken er meer of minder in discussieprocessen bij worden betrokken. In de V.S. bijv. geniet weliswaar het religieuze betrokken zijn van de eenling een grote achting; maar religieuze waarden zijn daar echter in een vorm in de seculiere maatschappij aanwezig, dat ze nauwelijks te herkennen zijn.

*) FAZ/ SZ 15.10.2001 of Duitse Internettext.

**) zie ook onze pag. "Natuurwetenschap en geloof in God".

***) Opmerking: en andere filosofische richtingen:

Jürgen Habermas behoorde naast Theodor W. Adorno en Herbert Marcuse tot de "Frankfurter School", die met haar "kritische theorie" de studentenbeweging van 1968 aanzienlijk beïnvloedde, en toen gewijzigde neomarxistisch, verlichte en atheïstische denkwijzen erbij betrok. Vanuit een conservatieve filosofische visie heeft vooral Günter Rohrmoser sinds 1969 de theorie en praktijk van de beweging van de 1968-ers bekritiseerd. Hij zag hun 'Utopie' als vervangende religie (en daarmee als concurrentie tot de kerkelijke 'Heilsleer / eschatologie'), en probeerde hier tegenover bijv. de oude leer van Augustinus van "twee (door God zo gewilde) rijken" – religie en staan – te redden.
Zowel vertegenwoordigers van de Frankfurter School als ook hun conservatief-christelijke en economisch-liberale tegenstanders waren en zijn voor een deel tegenwoordig bezig, eenzijdig alle argumenten op te sommen, die zo tegen de telkens anderen schijnen te spreken, resp. die eigenlijk de "tegenpartij" verkeerd als uniform blok laten weergeven. Zo heeft de ene partij de kans verzuimd, gedifferentieerd ernaar te zoeken, wat van de traditonele waardeordening waard is om te behouden en de anderen verzuimden, gedifferentieerd ernaar te kijken, wat bij de nieuwe sociale bewegingen achter ideologische vervormingen het gerechtvaardigde -"emancipatorische"- motief was. Natuurlijk hebben veel mensen in Duitsland en op andere plekken sindsdien echt wel enige vooruitgang met deze discussie gemaakt, omdat velen niet meer bereid waren, zich in de oude "frontlinies" van 1968 te laten persen. In het onderzoek is natuurlijk deze vooruitgang niet voldoende begrepen – er verschenen altijd nog boeken, waar de tegenstanders voor al het kwaad in de wereld verantwoordelijk wordt gesteld, en waar het handelen van de eigen vrienden vlekkeloos schijnt.

Terug naar de index van deze pagina.

 

Algemene christelijke gezichtspunten betreffende ecologische kwesties *).

Genesis 1:26-28 "En God zeide: Laat Ons mensen maken naar ons beeld, als onze gelijkenis. Opdat zij heersen over ... de gehele aarde... "**) wil geenszins zeggen, - zoals het praktisch werd vertaald – dat de mens zonder enige verantwoording met het milieu mag omgaan. Veeleer is hier van de oorspronkelijke visie van een mensheid sprake, dan de laatste geproduceerde top van de schepping met op God gelijkende eigenschappen. Om die reden ging het om de natuurlijke autoriteit van een mens, die de andere wezens kon "benoemen", en zeer goed verantwoordelijk met hen kon omgaan. Genesis 2:15 geeft deze verantwoording zo aan: "En de Here God nam de mens en plaatste hem in de hof van Eden om die te bewerken en te bewaren ". Dit "bewaren" heeft betrekking op een levendige schepping, die zich verder ontwikkelt. De mens is later (vgl. paradijsverhaal) buiten deze eenheid met God en zijn schepping geraakt en werd egoïstisch. Omdat nu de basis was weggevallen, moet de mens alle geestelijke grondbeginselen opnieuw verwerven, in plaats van zich op paradijselijke volmachten te beroepen.

Ook in het Nieuwe Testament werd de schepping als belangrijk beschouwd. In Romeinen 1:20 staat, dat "hetgeen van Hem niet gezien kan worden, zijn eeuwige kracht en goddelijkheid, wordt sedert de schepping der wereld uit zijn werken met het verstand doorzien". Romeinen 8:19 "Want het verlangend tegemoetzien van de schepping wacht op de openbaring van de Zonen van God" (andere vertaling: "op de verloste mens" d.w.z. op volkomen geworden mensen) Romeinen 8:22 "Want wij weten, dat tot nu toe de ganse schepping in al haar delen zucht en in barensnood is." Marcus 16:15 "En Hij zeide tot hen: Gaat heen in de gehele wereld, verkondig het evangelie aan de ganse schepping" (zie ook Kolossenzen 1:23).
Nu helpt Jezus Christus. Ook hij neemt echter de mens niet de verantwoording voor medemens en medeschepsel af; maar helpt, dat mensen "volmaakt zult zijn gelijk uw hemelse Vader volmaakt is" (Matteüs 5:48), d.w.z. zo zoals het oorspronkelijk was gedacht – zodat ze hun verantwoording kunnen behartigen.**** Pas daardoor wordt de schepping weer een geheel. Dit veronderstelt alleen maar, dat ze deze hulp ook accepteren. Doorgaan van de mens zonder God wordt in Romeinen 1:20 zelfs als "niet te verontschuldigen" aangegeven.

In de Openbaring van Johannes (voor wat betreft het karakter ervan zie Deel 2 van onze hoofdtekst) werden weliswaar o.a. catastrofale ontwikkelingen aangevoerd, die de mensheid of delen ervan en de overige natuur zouden kunnen treffen. Maar nergens worden deze bijkomstige verschijnselen in een tijd van goddelijke correcties als positief of als de eigenlijke goddelijke doelen aangegeven, en nergens worden in de Openbaring mensen verontschuldigd, die van hun kant voor het uitsterven van de soort of andere catastrofen bijdragen, en ze worden al helemaal niet uitgenodigd, ertoe bij te dragen.***) Veeleer wordt deze lichtvaardige civilisatie in de Openbaring uiterst kritisch gezien. De Openbaring verandert niet de positieve visie van het overige Nieuwe Testament, bijv. de Bergrede ( Matth. 5 "De zachtmoedigen zullen het aardrijk beërven………")

Met betrekking tot het "Creationisme", dat vooral binnen het Engelse taalgebied is verspreid: onze pagina vertegenwoordigt geen soort -"isme". De schepping van de wereld en de mens laat inderdaad in plaats van het zuivere toevalprincipe goddelijke wijsheid vermoeden. Zie ook onze pagina "Natuurwetenschap en geloof in God". Ook twijfel aan sommige niet gegarandeerde archeologische resp. geologische tijdsaanduidingen zijn toegestaan. Maar diegenen die bovendien de "7 scheppingsdagen" in Genesis als 7 dagen volgens de huidige opvattingen met 24 uur hebben opgevat, moeten dit als een interpretatie erkennen: daardoor staat of valt het geloof niet. De tegenwoordige dagen gaan uit van de als klaar ontstane resp. geschapen aarde met hun tegenwoordige draaiing, wat er immers in het begin niet allemaal was. Al in de bijbel zelf wordt geconstateerd "voor God zijn duizend jaren als één dag". De 7 dagen zouden wel zeker iets reëels kunnen betekenen, maar "periodes" "scheppingscycli" met een niet nader genoemde duur. Uitgerekend de omvangrijkste scheppingsprocessen als de kortste te beschouwen, zouden n.a.v. nieuwe ontdekkingen evenzo weinig houdbaar zijn, als vele tot nu geldende archeologische voorstellingen. In de bijbel wordt een aantal keren aangegeven, dat zich God al voor Mozes aan mensen zoals Henoch en Noah kon openbaren. Ons tegenwoordige scheppingsverhaal zou op een oude mondelinge, later schriftelijke overlevering uit zulke – echte- oorsprongen teruggaan, waarvan delen ook in andere culturen zijn blijven bestaan. Bekend vanuit onderzoek zijn bijv. enige opvallende gelijkenissen met het soemerische Gilgamesch-Epos. Dat wil niet zeggen, dat Genesis daar zou moeten zijn opgeschreven. Maar het herinnert eraan, dat Abraham uit Mesopotamië stamde.

*) Deze Website bedrijft geen politiek. Daarom worden hier slechts algemene normen besproken, en geen handleidingen voor afzonderlijke politieke inhoudelijke kwesties van de toekomst.

**) Dit zou als een speciale vorm van een pan-en-theistisch uitgangspunt ("God is ook in zijn schepping weer te vinden") gezien kunnen worden – niet te verwisselen met pantheïsme ("God is alles"). De meest directe betrekking van God met de schepping komt hier echter met behulp van de mens tot stand (vergl. ook Joh. 14:21, 14:23, 15). En zelfs deze komt pas in die mate praktisch tot zijn recht, waarin de mens zich daarvan steeds bewuster wordt, en hij zich steeds verwanter aan Christus voelt. Ook de vreugde voor de schepping kan naar God leiden; maar bij zo’n scheppingsmystiek zijn in plaats daarvan ook aanzienlijke dwaalwegen mogelijk, waar God nog maar één woord voor de eigen materiële aangelegenheden en wensen zou zijn.

***) in de USA bijv. is dat niet allen duidelijk.

****) De beoogde mogelijkheden van de bewustzijnsontwikkeling worden op basis van de stappen in het leven van Jezus in onze hoofdtekst deel 1 uitgewerkt. De mens kan tegenwoordig bewust – in tegenstelling tot een vroegere, meer op een instinctieve wijze herkennen – bijv. leren, de samenhangen met zijn omgeving en het milieu ook weer sterker waar te nemen. Hij kan daarbij ook "gekoppeld denken" vinden (een begrip, dat op andere basis door Frederic Vester werd gebruikt), resp. "multifactorieel denken" (door Dörner gebruikt begrip voor de studie van gecompliceerde ecologische samenhangen) i.p.v. het daarvoor onbruikbare oude "lineaire" resp. "monocausale" denken = "1 oorzaak  → 1 werking". Zie op onze pagina "bewustzijn, hersenonderzoek en vrije wil"; en ook de pagina’s "basis van ethische waarden", "christelijke gezichtspunten voor economie en sociale vragen", "Algemene christelijke gezichtspunten voor maatschappij en politiek", "christendom en filosofie..."

Zie ook onze pagina "Fundamenten van ethische waarden".

Terug naar de index van deze pagina.

 

  Ongeboren leven *.

Het begin van het menselijk leven.
Het mensbeeld van conservatieve en ook kritische christenen komt in grote lijnen met elkaar overeen nl. dat het menselijk leven al met de verwekking begint. De bijbel laat veelvuldig menselijk leven als eenheid zien; van zijn goddelijke oorsprong – via het doorgeven van het leven de generaties door – tot aan de verschillende leeftijd- of ontwikkelingstreden van het individu. Het pas hier niet, van "leven zonder waarde of zonder menselijke waarde" in een bepaalde tijd voor de geboorte, of in één of andere toestand van leeftijd of ziekte te spreken.

Prof. Böckle noemt in het "Handboek der christelijke ethiek" vanuit de geschiedenis enige theologen waarbij het in hun originele teksten niet direct te vinden is – die in plaats van de verwekking de kort daarna volgende innesteling (Nidation) als belangrijke tijdstip hadden aangenomen.

Moderne natuurwetenschap wil graag voor het grootste deel waardevrij zijn. Maar ook natuurwetenschappelijke bevindingen tonen slechts vloeiende overgangen tussen het stadium van de bevruchte eicel en de volwassen mens. Waar altijd in de maatschappij grenzen mogen worden gezien, waar vandaan menselijk leven begint, zijn deze dus willekeurig. Bijv. de embryoloog Erich Blechschmidt: de eens door von Haeckel aangenomen "biogenetische wet", volgens welke het embryo dierlijke stadia uit de ontwikkelingsgeschiedenis zou herhalen, is verouderd: elk orgaan ontvouwt zich volgens plan en rol tot mens. De reacties van het embryo kunnen met ultrahoog geluid worden gefilmd. Eveneens beklemtoonde de humaangeneticus prof. L. Leneune, dat al de genen in de bevruchte eicel het schema van het volwassen organisme van de mens bevatten; wij zouden zeggen, zij zijn de fysieke tegenhangers van dit schema. Ook vanuit hersenonderzoek, de ontwikkelingsneurologie en de psychologie zijn er aan elkaar verwante inzichten. Ook bewustzijns- en herinneringsvoorvallen kunnen bij op het totaliteit gerichte en onbevoordeelde onderzoek in steeds vroegere ontwikkelingsstadia worden waargenomen. Zo is dit waardebegrip ook buiten de grenzen van religieuze kringen belangrijk.

Een andere kwestie is echter de praktische omgang met zulke inzichten.
Het gebod "Gij zult niet doden" - Exodus 20 – werd in de tijd van het oude testament in de betekenis van "Gij zult niet moorden" opgevat ; waarbij de voorstellingen, wat moord is, en wat doden, later veranderden. In uitgebreide betekenis wordt de maatstaf van het gebod voor al het menselijk leven toegepast, en door vegetariërs zelfs verder dan dat op het dierenrijk. Het moderne begin van een interreligieus "Wereldehtos" ** bevat "een cultuur van de eerbied voor al het leven" als leidraad.
In elk geval echter moet – zoals het bij elk serieus zwangerschapadvies gebeurt, ook wanneer het positief is om het kind uit te dragen en te willen helpen – de individuele levenssituatie van degene die het betreft met haar moeilijkheden, angsten, gewetensnoden enz. serieus worden genomen, in plaats dat zo'n beetje allen worden verdoemd, die met de gedachte lopen abortus te plegen. Vrouwen nemen de beslissing in de meeste gevallen niet makkelijk. Ook is er sprake van de medeverantwoording van de mannen en van de mensen erom heen, in plaats van het probleem eenzijdig aan de vrouw toe te schrijven. Wanneer het erom gaat, zwangerschapsonderbrekingen zo veel mogelijk te verminderen of tenslotte helemaal te laten verdwijnen, dan is het ondanks alle individuele inspanningen vooral nodig ook maatschappelijk een leven met kinderen makkelijker te maken; dus problemen aan te pakken, die tegenwoordig oorzaak van een aantal van de abortussen zijn – in plaats bijv. zich te overtreffen ook voor sociaal zwakken meer lasten te eisen.

De wettelijke kwesties *.
Jezus Christus zorgde ervoor dat de mensen zich bewust bezig hielden met een bewuste beslissing m.b.t. ethisch, moreel gedrag, in plaats van overwegend op de druk van een uitwendige wettelijke norm of zeden te bouwen, zoals het in de oudtestamentische tijd was. Toch kunnen wettelijke normen ethische vragen een steun geven, zoals het bijna op alle gebieden van het leven werd geprobeerd. Strafrechterlijke regelingen (zoals de Duitse §218), of streng of liberaal, hebben wanneer ze internationaal worden vergeleken klaarbelijkelijk slechts een beperkte uitwerking op het aantal abortussen. Daarom zijn, zoals reeds is vermeld, voor de oplossing meer andere inspanningen noodzakelijk.

De samenhangen met gentechniek en voortplantingsgeneeskunde.

Ook bij wetenschappelijke onderzoekingen en bij kunstmatige bevruchtingen is er internationaal "verbruik van embryo's" die bijv door de Duitse embryo-beschermingswet te beperken wordt geprobeerd. Tegenwoordig biedt de Pré-implantatiediagnostiek (PID) een nieuwe verleiding, extra abortusoorzaken te creëren.

Consequenties op andere gebieden.
Waar het om levensbescherming gaat, zou het ook om alle gevaren moeten gaan, waaraan reeds geborenen zijn blootgesteld – en vooral om die, waaraan geboren en ongeboren leven beide zijn blootgesteld. Milieugevaren treffen moeders en het embryo, het gevoelige embryo zelfs meer dan de volwassenen. Dat werd door levensbeschermers vaak overgeslagen; zoals omgekeerd velen, die zich voor het milieu inzetten, zich niet om het probleem van de zwangerschapsonderbrekingen bekommerden, wat bijv. Franz Alt al in 1985 zorgen baarde.

*) "Christuswegen" is geen politieke website. Er wordt hier tegen niemand geschreven, en geen politieke eis gesteld, maar alleen over algemene meningen geïnformeerd. 
**) Zie o.a. onze extra pagina  "Principes met ethische waarden".

 

Terug naar de index van deze pagina.

 M.b.t. deel 1: De stappen in de evangeliën.    /    M.b.t. deel 2: De stappen in de Openbaring.   /   Mbt. deel 4: Oude Testament; bijdrage tot de dialoog met andere religies.

 E-mail ways-of-christ.com : Wilt u me zo mogelijk in het Duits of Engels schrijven. Wilt u anders in korte zinnen schrijven en taal vermelden, waarin u schrijft.

Naar Homepage.

 

Aanwijzing t.a.v. andere talen en rechten.

De andere internetpagina's zijn te vinden onder http://www.Christuswege.net  (Duits) en http://www.ways-of-christ.net (Engels). Andere talen zie de Homepage. De Duitse en Engelse internettekst wordt voortdurend geactualiseerd en krijgt ook een pagina "veranderingen", en ook nog andere extra pagina's. De internettekst printen en kopiëren en daarvan onveranderd inhoudelijk weergeven is toegestaan. De vertalingen in andere talen zijn niet altijd gecontroleerd.

Gebruikte korte bijbelcitaten en opmerkingen – op basis van verschillende vertalingen nieuw bewerkt – zijn aanvullingen op de betreffende hoofdstukken van de hoofdtekst. Zulke karakteristieke plaatsen zijn echter geen volledige vervanging voor de begeleidende studie of meditatie van gehele hoofstukken van de evangeliën of delen van de Openbaring. Daarvoor is een bijbel of een Nieuw Testament aan te bevelen.